In de kijker

Kalender

8/9/2018
22/9/2018
14/11/2018

Grondvest

Waar een wij is, is een weg… naar onafhankelijkheid
12-4-2018
Ward Dewitte was onze stagiair gedurende drie maanden en viel al snel op door zijn scherpe pen. Ward durft het debat over wat Vlaamse identiteit is, aansnijden.

Een nacht in Gent          
Enkele weken geleden bevond ik mij op het doopgebeuren van de charmantste studentenvereniging van Vlaanderen. Terwijl de schachten hun doopopdrachten succesvol volbrachten, liepen onze commilitones er vrolijk bij. Eén van ons droeg uiteraard een Vlaamse vlag bij zich; de vlag van ons volk. Nu, je weet dat wanneer je zoiets doet in een linkse stad als Gent, daar ook reactie op gaat komen. Iedereen wil namelijk de publieke ruimte wel voor zich winnen en daarover wordt een (symbolische) strijd gevoerd (Cfr. het islamisme dat sluierdracht en gebedsmomenten op de openbare weg promoot). Eén reactie is me echter bijgebleven, omdat deze naar mijn mening exemplarisch is voor één van de grotere meta-problemen waarmee we in onze samenleving worden geconfronteerd. Op een bepaalde moment lopen drie giechelende meisjes voorbij die zeggen onze vlag in brand te willen steken. Al snel kwam het tot een korte discussie waarbij één van hen fulmineerde dat “dit (de Vlamingen) haar volk niet is”. Wanneer haar de vraag werd gesteld welk volk dan wel het hare was, leek het meisje even gedesoriënteerd, alsof er zich een kleine storing voordeed in haar hoofd. Een antwoord op de vraag bleef dus uit, en de caravaan trok verder. Hoe dan ook, zoiets doet je toch nadenken.

De Vlaamse identiteit  
“Wat is tijd?”, vroeg de Romeinse theoloog Sint Augustinus zich af. “Als niemand het mij vraagt”, stelde hij, “dan weet ik de betekenis. Maar als iemand er naar vraagt, en ik probeer het uit te leggen, dan weet ik het niet meer”. Deze bemerking van Augustinus is ook van toepassing in het debat over identiteit. Identiteit stelt geen probleem zolang er geen vragen over worden gesteld; ze is als het ware vanzelfsprekend - zoals het geval is in traditionele samenlevingen. We zijn echter op het moment gekomen dat dit niet  langer het geval is, waardoor in politieke en ideologische debatten steeds dezelfde vraag opduikt: Wie is Vlaming? Dit is een complex debat. Sommigen veronderstellen dat er een soort van checklist bestaat, waarop je een aantal kenmerken moet afvinken alvorens je jezelf lid kan noemen van ‘de club’. Zo werkt het echter niet. Identiteit is een abstract en multi-dimensioneel concept, dat niet kan worden verengd tot een eenzijdige lijst van noodzakelijke voorwaarden. De essentie van collectieve identiteit kan volgens mij worden achterhaald in de opvatting van de mens als een sociaal dier. Het feit dat mensen in alle vreedzaamheid dicht op elkaar leven is niet toevallig. Het is een gevolg van het feit dat je dezelfde verwachtingen hebt van elkaar en van de wereld. Identiteit slaat dus op de psychologische verbintenis die je hebt met andere personen. Deze spruit voort uit gemeenschappelijke historische wortels die vorm hebben gekregen over generaties tijd. Dat is ook de reden waarom ik met iemand met een andere mening toch een zinnig gesprek kan hebben. Want ondanks dat je op het eerste zich weinig gemeenschappelijk lijkt te hebben, vertrekken we vanuit dezelfde premisses - referentiekaders - die ons een gevoel geven van eenheid en gemeenschap. Dat is wat het betekent om een gedeelde identiteit te hebben. De meisjes in Gent wisten het dus niet, maar in de grond zijn ze wel degelijk Vlaming. Dit brengt enkele vragen naar boven: hoe komt het immers dat sommige mensen deze identiteit niet onderschrijven, en nog sterker, niet respecteren?

Nationalisme als alternatief    
Dit valt te verklaren door het feit dat collectieve identiteit in het Westen - zoals ik al eerder suggereerde - onder vuur ligt. Het postmodernisme, dat haar intrek heeft genomen in de waarde- en opiniebepalende instituten van onze samenleving, heeft de West-Europese identiteit verwaterd en vormloos achtergelaten, en haar gemeenschappen verdeeld in talloze facties. Dit heeft ervoor gezorgd dat onze beschaving (of wat er van overblijft) onderhevig is aan een gebrek aan waardering door onszelf - en bijgevolg door anderen. De Canadese filosoof Charles Taylor zag al het gevaar hiervan in. Zo stelde hij dat gebrekkige waardering niet alleen getuigt van een gebrek aan normaal verschuldigd respect. Gebrekkige waardering kan een ernstige wonde veroorzaken door het slachtoffer met een verlammende zelfhaat op te zadelen. Het lijkt paradoxaal, maar al het voorgaande ligt aan de basis waarom vandaag de dag identitairen en nationalisten de wind in de zeilen hebben. Van nationalisme wordt immers verwacht dat het mensen opnieuw kan verbinden en een alternatief kan bieden aan het nihilisme, materialisme en de ‘sacralisering van het zelf’, die inherent is aan de hedendaagse maatschappij waarin mensen worden beschouwd als van elkaar losstaande elementen. De Vlaamse Beweging mag zich daarom niet verliezen in praktische kwesties zoals Brusselse geluidsnormen en RIZIV-nummers. We moeten ook groter denken; want alleen wanneer we ons volk terug haar identiteitsbesef en eigenwaarde kunnen teruggeven, maken we kans op de realisatie van die mooie droom: een onafhankelijk Vlaanderen.

Ward Dewitte, Bestuurslid J&V

 

Terug naar overzicht