Naar paars-groene afzwakking van taalwet in Brussel?
Verzonden op: 14-05-2003
Verzonden door: David Vits 0474 79 29 30
Aantal keren gelezen: 42
“In ruil voor een gewaarborgde aanwezigheid, moeten contractuelen bij Brusselse gemeenten en OCMW’s niet langer tweetalig zijn.” Dat antwoorden Agalev en sp.a op een vraag van de Vlaamse Volksbeweging (VVB) over het Brusselse taalhoffelijkheidsakkoord. De VLD windt het “voorbarig” om nog voor de verkiezingen standpunt in te nemen.
Omgekeerde wereldHet taalhoffelijkheidsakkoord bepaalt dat contractuelen bij de Brusselse gemeenten en OCMW’s pas twee tot vier na hun aanstelling moeten slagen in het examen tweede taal. Volgens de taalwet moet het tweetaligheidsbrevet de aanstelling vooraf gaan. Om die reden schorste de Raad van State onlangs het akkoord. In plaats van het politieke akkoord aan te passen aan de wet gaan nu binnen de meerderheid stemmen op om het omgekeerde te doen. “De wereld op zijn kop”, vindt de VVB. “In de praktijk zet het taalhoffelijkheidsakkoord de deur naar verfransing van de gemeentelijke administratie wagenwijd open.”
De aanpassing van de taalwet is een federale bevoegdheid en kan alleen met dubbele meerderheid, d.i. een meerderheid binnen elke taalgroep. Met de federale verkiezingen in aantocht vroeg de VVB de Vlaamse partijen standpunt in te nemen.
Francofone logicaPaars-groen denkt, volledig binnen de “francofone Bruselse logica”, aan een nieuwe versoepeling van de taalwet. Na de Nederlandsonkundige rechters en politieagenten, wil paars-groen nu blijkbaar de Nederlandsonkundige contractuelen bij gemeenten en OCMW’s regulariseren.
"Als het Franstalig onderwijs er niet in slaagt tweetaligen op de arbeidsmarkt af te leveren, moet de overheid als werkgever maar geen tweetaligheid meer eisen", zo luidt de redenering. Voor Agalev en sp.a moeten contractuelen bijgevolg niet langer tweetalig zijn. In ruil vragen ze wel een gewaarborgd minimum van een kwart Nederlandstalige contractuelen. Een minimale vertegenwoordiging die nu al geldt voor het hele personeelsbestand, d.w.z. vastbenoemden en contractuelen samen.
Opmerkelijk: de VLD wil geen standpunt innemen. “Voorbarig, want het Arbitragehof moet nog antwoorden op een prejudiciële vraag”, laat de partij weten. Die vraag heeft de Raad van State nochtans niet belet het akkoord met onmiddellijke ingang te schorsen. De termijnen voor de Brusselse regering in het kader van het toezicht op de naleving van de (taal)wet lopen dus. Blijkbaar wil de VLD vooral een blanco cheque na de verkiezingen.
Geen versoepelingBeter nieuws uit de oppositie. “Geen versoepeling van de taalwet”, luidt het daar. N-VA, CD&V als Vlaams Blok willen niet dat de taalwet aan het politieke akkoord wordt aangepast. Een gelijkaardig geluid bij Spirit, federaal in de oppositie, maar bij de verkiezingen in kartel met meerderheidspartij sp.a.
De partijstandpunten staan op: http://brussel.vvb.org/persbericht/030514taalhoffelijkheid.pdf
Guido Moons - voorzitter VVB nationaal Stijn Debruyne – voorzitter VVB Brussel-Hoofdstad
