Brussels Metropolitan Region, het paard van Troje voor de uitbreiding van Brussel

Open brief aan de Vlaamse partijen en politici

Verzonden op: 25-03-2011

Verzonden door: Wart Van Schel 03 320 06 35

Aantal keren gelezen: 1827

Als “tegenprestatie” voor de splitsing van de kieskring BHV eisen de Franstaligen een Brussels Metropolitan Region (BMR). Ook sommige Vlaamse organisaties (VOKA, de VUB) en partijen scharen zich achter dergelijke plannen – al is de interpretatie over wat die BMR moet worden lang niet gelijklopend.

Nochtans zijn de bedoelingen van Franstalig België zonneklaar voor al wie de verklaringen van de Franstalige politici en media opvolgt: een nieuwe groot-Brusselse instantie (gepresenteerd als overlegorgaan) moet voor de eerste keer voet aan de grond krijgen in Vlaams-Brabant en Waals-Brabant, met (aldus de nota Vande Lanotte) bevoegdheden inzake ruimtelijke ordening, inplanting van industrieterreinen, openbare werken, mobiliteit (1 - zie onderaan), socio-economische aangelegenheden en (volgens de Franstalige interpretatie) ook onderwijs en cultuur.

Elke gemeente uit de BMR regio zou "op vrijwillige basis" kunnen instappen. Het spreekt vanzelf dat sommige politieke meerderheden in de 6 Vlaamse randgemeenten hier gretig zullen op ingaan: ze zien dit als een eerste stap om hun gemeenten structureel aan Brussel te koppelen en de Vlaamse bevoegdheid te ondermijnen. De andere Vlaamse gemeenten worden voor een verscheurende keuze geplaatst: meedoen is het gewicht van de BMR vergroten, niet meedoen is het Vlaams element in BMR verzwakken. De uitholling van het Vlaams gezag in Vlaams-Brabant zal door de oprichting van een BMR pas goed beginnen. Vijftien jaar geleden werd de provincie Brabant opgedoekt (wegens permanente taaltwisten), vandaag zou bij wet een nieuw orgaan herrijzen, met Franstalig overwicht (België in het klein). Het lijkt alvast zeker dat BMR een tweetalige instelling zal worden. De wettelijk verankerde inspraak van Brussel en Waals-Brabant via BMR is het paard van Troje om de uitbreiding van Brussel en de verbinding met Wallonië (de zgn. corridor) in de toekomst te realiseren: als een formele annexatie van Vlaamse gemeenten nu nog niet kan, laat dan een nieuw orgaan geleidelijk die uitbreiding in de feiten tot stand brengen.

Inderdaad, de BMR zal de krachten bundelen van Brussel, het Waals gewest en de federale overheid om een feitelijke toestand te creëren die de Vlaamse overheid en de Vlaams-Brabantse gemeenten permanent in de verdediging zal drukken. De inspanningen van de Vlaamse regering om het Vlaams karakter van de Vlaamse rand te promoten (denk aan vzw De Rand) worden vergeleken met de feitelijke macht van de groot-Brusselse BMR een druppel op een hete plaat: waarom zouden anderstalige inwijkelingen, die zich zogenaamd in “groot-Brussel” vestigen zich nog moeten aanpassen aan het Vlaams karakter van de streek? BMR betekent niet alleen een uitholling van het Vlaamse gezag maar tevens een impuls tot “verbrusseling” van heel de Vlaamse rand. Het voordeel van de splitsing van de kieskring BHV (met name een einde stellen aan de francofone politieke druk in Halle-Vilvoorde) wordt aldus tenietgedaan door een nieuw intermediair niveau waarin de Franstaligen de boventoon zullen voeren. Zo krijgen ze een nieuwe hefboom in handen om de uitbreiding van Brussel te bepleiten en – in geval van splitsing van het land – “verworven” rechten op Vlaams grondgebied te doen gelden.

Deze nodeloze structuur kan enkel gerealiseerd worden door de naïviteit en medewerking van een aantal Vlaamse partijen en instanties. Het lijkt erop dat de Vlaamse partijen en politici de les van de zes Vlaamse gemeenten met faciliteiten zijn vergeten. Gaan ze opnieuw dezelfde fout begaan, en nu de weg voor de verfransing van heel Halle-Vilvoorde openen? Zien ze niet in dat het verfransend effect van de BMR vele malen groter zal zijn dan het effect van de faciliteiten in Drogenbos, Kraainem, Linkebeek, Sint-Genesius-Rode, Wemmel en Wezembeek-Oppem? Dat het slechts een kwestie van tijd is vooraleer de massale inwijking nieuwe Franstalige burgemeesters aan de macht zal brengen in de Vlaamse gemeenten? Hoe kunnen ze de les van de geschiedenis zo lichtzinnig vergeten terwijl de ontnederlandsing van Vlaams-Brabant zich voor hun ogen voltrekt en alle demografische prognoses die tendens bevestigen?

Met de realisatie van de BMR wordt het verlies van Halle-Vilvoorde voorgeprogrammeerd. Het betekent ook dat Vlaanderen definitief de mindere zal worden in een België met een versterkt Brussel en een territoriaal eengemaakte Wallo-Brux.

Er is geen enkele behoefte aan een nieuw Franstalig Brussels-Waals gedomineerd tussenniveau. De jongste twintig jaar tonen trouwens aan dat Halle-Vilvoorde en Vlaams-Brabant (net als trouwens Waals-Brabant), zonder de betutteling van Brussel een veel grotere economische groei en bloei hebben gekend dan het slecht bestuurde Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Het Gewestplan Halle-Asse-Vilvoorde (uit 1974, nog steeds in voege) gaat terecht uit van de eigen kracht van het Vlaams beleid: “Halle-Asse-Vilvoorde is een zelfstandig gewest met eigen kenmerken en behoeften en vormgeving. Het is geen overloopgebied, geen restzone, die ligt te wachten om de complementaire functies van de grootstad op te vangen of er één geheel mee uit te maken”. Vanuit die eigen kracht is samenwerking en overleg met Brussel best mogelijk en zelfs wenselijk: maar wel op vrijwillige basis en vanuit de bestaande structuren. Deze oproep is een noodkreet aan de Vlaamse partijen om – zoals de Franstaligen reeds decennia doen - strategisch te denken en de BMR en elke door wet opgelegde inspraak van de Franstaligen in Vlaams-Brabant radicaal af te wijzen.

Voor de Werkgroep BHV (Halle-Vilvoorde Komitee, Vlaamse Volksbeweging en Taal Aktie Komitee),

Guido Moons, voorzitter VVB en werkgroep BHV (0494 47 59 97 – guido.moons@vvb.org) Francis Stroobants, voorzitter Halle-Vilvoorde Komitee (02 305 90 53 – francis.stroobants@telenet.be) Roel De Leener, Taal Aktie Komitee (0485 62 43 02 – roel.de.leener@taalaktiekomitee.org)

Secretariaat Werkgroep BHV: Hoogstraat 28 B, 1861 Wolvertem

(1) Hiervoor wordt in de nota Vande Lanotte bovendien nog een niet nader gepreciseerd “overlegplatform” in de bijzondere wet gebetonneerd, met nieuwe vetorechten! Uiteraard is dit even onaanvaardbaar.

Terug naar overzicht