beleidsverklaring 17-10-2000: Vlaamse kat komt op de koord
Verzonden op: 16-10-2000
Verzonden door: Steven Vergauwen, coördinator-stafmedewer 03 366 18 50
Aantal keren gelezen: 7
beleidsverklaring 17 oktober 2000
VLAAMSE KAT KOMT OP DE KOORDAntwerpen, maandag 16 oktober 2000
PERSMEDEDELINGNa anderhalf jaar paarse regering komt de communautaire kat op de koord. Enerzijds werd de indruk gewekt dat er een communautaire dooi is opgetreden. Anderzijds oogt het palmares van deze regering vanuit Vlaams oogpunt niet bemoedigend. Nu kondigt premier Verhofstadt fundamentele nieuwe stappen in de staatshervorming aan. Voor de Vlaamse Volksbeweging eindigt hier de periode van afstandelijk toe-schouwen. De VVB roept premier Verhofstadt op tenminste werk te maken van de uitvoering van de vijf resoluties, goedgekeurd in het Vlaams Parlement op 3 maart 1999. Van dit pakket, dat het absolute Vlaamse minimumprogramma omvat, mag niet worden afgeweken. De VVB wacht de regeringsverklaring van 17 oktober zeer waakzaam af, maar vreest nu al dat er wordt afgeweken van de fundamentele uitgangspunten van de resoluties. Dit zou volgens de VVB onaanvaardbaar zijn, zowel vanuit Vlaams oogpunt, als vanuit het oogpunt van deugdelijk democratisch handelen.
Als premier Verhofstadts 'State of the Union' weer tekortschiet op Vlaams vlak, start de Vlaamse Volksbeweging een campagne om de regeringspartijen te herinneren aan hun beloften voor de verkiezingen van 1999. De Vlaamse Beweging in haar geheel en de Vlaamse Volksbeweging in het bijzonder hebben zich sedert juni 1999 zeer behoedzaam en terughoudend opgesteld. Maar de beloften om tot een betere politieke cultuur te komen, moeten nu resultaten afwerpen. Ofwel leidt de veel besproken pacificatie tussen Vlamingen en Franstaligen naar de uitvoering van het Vlaamse minimumprogramma, ofwel moet die schijnbare sfeerverbetering definitief worden afgewezen als schijnmanoeuvre om Vlaanderen om de tuin te leiden.
ACHTERGROND Op 17 oktober zou premier Verhofstadt aangeven welke richting hij zal uitgaan in de staatshervorming. Het wordt dan ook de hoogste tijd dat er fundamentele stappen worden gezet in de verdere politieke ontvoogding van Vlaanderen.
De palmares van de regering-Verhofstadt op dat vlak oogt tot vandaag erg mager. Het Sint-Elooisakkoord versterkte de benadeling van het Vlaamse onderwijs en kwam tot stand in een sfeer van geheime akkoorden en politiek bedrog (de Volksunie neemt daarbij de scherpste woorden in de mond tegenover de VLD); voor de Franstalige Brusselse rechters werd de taalwetgeving omzeild; de tweetaligheid in Vlaams-Brabant dreigt te worden uitgebreid voor het vredegerecht Sint-Pieters-Leeuw en enkele politiezones; de splitsing van landbouw en buitenlandse handel zit in een impasse en lijkt minimaal te worden opgevat; het Costaverhaal blijkt een mislukking, wat erkend wordt door vriend en vijand; de federale regering maakt zich schuldig aan recuperatieoperaties, zoals in het borstkankeronderzoek. Dit zijn slechts enkele, maar tekenende voorbeelden.
Anderzijds gaan de regeringspartijen er prat op dat de communautaire sfeer enorm verbeterde. Er zou een opvallende dooi zijn ingetreden. De snelle oplossing die werd gevonden voor de zaak-Maingain, zou daarvan de jongste illustratie zijn. Met de ervaring in het Sint-Elooisakkoord in het achterhoofd en de wetenschap dat Louis Michel in deze operatie nadrukkelijk tussenbeide kwam na overleg met Vlaamse politici, doet echter vrezen dat deze behendige tacticus een pionnenoffer bracht, om zijn koninginnestuk juist meer bewegingsruimte te geven bij de aanstaande onderhandelingen.
Het is dan ook de hoogste tijd dat de paarse beloften ook op communautair vlak worden geconcretiseerd. De schone schijn kan de pacificatie weliswaar voor enige tijd in stand houden, maar moet door feiten worden bevestigd.
De resoluties die door een grote meerderheid in het Vlaamse Parlement werden goedgekeurd op 3 maart 1999 gingen voor de VVB niet ver genoeg. Er werd zeer omzichtig tewerkgegaan om tot een brede meerderheid te komen. Om de op Vlaams vlak conservatieve partijen mee over de brug te krijgen, werd heel wat ambitie opzijgeschoven en gekozen voor een reeks van minimale eisen. Anderzijds hebben deze resoluties het voordeel dat ze a) een brede Vlaamse consensus verwoorden en b) een engagement inhouden van de partijen tegenover de kiezers, aangezien ze kort voor de verkiezingen werden goedgekeurd. Het minste wat van de aangekondigde staatshervorming mag worden verwacht, is dat deze resoluties volledig worden uitgevoerd. Ze vormen als het ware een contractuele verbintenis tussen de Vlaamse partijen en het kiezerscorps.
De VVB wacht met een gedetailleerd oordeel op de toespraak van premier Verhofstadt, tot die naar inhoud volledig bekend is. Toch moet nu al de vrees worden uitgesproken dat de regering Verhofstadt zich zal tevreden stellen met een onderdeel van de in genoemde resoluties naar voor geschoven verwachtingen en moet ervoor worden gewaarschuwd dat niet wordt gezondigd tegen het fundamentele uitgangspunt ervan.
Er wordt vandaag in alle talen gezwegen over belangrijke onderdelen van die resoluties. We wijzen er bij wijze van voorbeeld op dat op 3 maart 1999 o.m. het volgende werd beslist i.v.m. gezondheids- en gezinsbeleid: '(...) 2° de normerings-, uitvoerings- en financieringsbevoegdheid betreffende het volledige gezondheids- en gezinsbeleid moeten integraal naar de deelstaten worden overgeheveld, dus o.m. met inbegrip van de gezondheidszorgverzekering en de gezinsbijslagen (kostencompenserende regelingen). Daarbij moeten de inwoners van het BHG de vrije keuze bekomen om toe te treden tot het stelsel van de deelstaat Vlaanderen of van de Franstalige deelstaat, dat telkens zowel een regeling voor de inkomsten als voor de uitgaven bevat.'
Het ziet er ook naar uit dat de Franstaligen zich zelfs niet kunnen vinden in de voorstellen van minister-president Dewael over fiscale autonomie, hoewel die minder ver gaan dan de beloften terzake van o.m. de VLD.
De resoluties opteerden uitdrukkelijk voor een tweeledig België. Wanneer de Brusselse gemeente- en provinciebevoegdheden en de fiscale autonomie voor het Hoofdstedelijk Gewest identiek zouden zijn met die voor de twee deelstaten Vlaanderen en Wallonië, gaat men regelrecht in tegen de goedgekeurde resoluties. Ook de geruchten als zouden de ordonnanties gelijkgeschakeld worden aan de decreten, vormen psychologisch een zware inbreuk tegen het beginsel van de tweeledigheid.
De Vlaamse Beweging en de VVB in het bijzonder, stelden zich sedert juni 1999 heel passief op. Ze hebben het paarse project nauwlettend, maar tevens heel terughoudend gevolgd. Die passieve opstelling kan niet langer worden voortgezet. Wanneer de regering Verhofstadt geen werk maakt van de volwaardige uitvoering van de Vlaamse minimumeisen en zeker wanneer zou worden ingegaan tegen het basisuitgangspunt ervan (de tweeledigheid), dan is de tijd meer dan gekomen om een brede campagne hiertegen op te zetten. De VVB zal de volgende dagen, op basis van de toespraak van premier Verhofstadt, beslissen of ze overgaat tot actie, gericht op de publieke opinie (om duidelijk te maken dat de communautaire pacificatie een schijnmanoeuvre blijkt te zijn) en de regeringspartijen (om hen te herinneren aan hun vroegere engagementen).
voor de Vlaamse Volksbeweging
Guido Moons, algemeen voorzitter
Peter De Roover, voorzitter algemene raad

