OVV eist voorrang splitsing BHV en staatshervorming met maximale autonomie

Open brief aan informateur

Verzonden op: 02-07-2007

Verzonden door: Jan Van de Casteele 03 366 18 50

Aantal keren gelezen: 838

In een open brief aan de informateur vraagt het OVV namens 45 aangesloten verenigingen met samen ruim 800.000 leden diens aandacht voor de standpunten van het Overlegcentrum van Vlaamse Verenigingen (OVV).

1° Wij eisen absolute voorrang voor de splitsing van het electorale en van het gerechtelijke arrondissement ‘Brussel – Halle – Vilvoorde’.

Dat is noodzakelijk én omdat behoud van dit arrondissement neerkomt op een blijvend negeren van internationaal en grondwettelijk erkende Vlaamse instellingen en van de territoriale integriteit van het Vlaamse Gewest, én omdat het arrondissement B-H-V ongrondwettelijk is.

In de kieswet vormt B-H-V een uitzondering op de regel dat de kieskringen samenvallen met de provincies. Het Grondwettelijk Hof oordeelde dat dit strijdig is met het gelijkheidsbeginsel, en dat daaraan dringend verholpen moet worden op straf van nietigheid van de verkiezing.

Het voortbestaan van B-H-V is een blijvende politieke discriminatie van burgers, politici en partijen in Vlaams-Brabant, ten opzichte van Waals-Brabant en al de andere provincies.

Als democraten grieft het ons dat de federale regering de uitspraak van het Grondwettelijk Hof langdurig negeerde door B-H-V niet te splitsen.

Al even onaanvaardbaar zijn uw vermeende alternatieve oplossingen. Noch de vroegere arrondissementen kunnen een nieuwe kieskring vormen, noch de vroegere provincie Brabant. Een nationale kieskring –onder welke vorm dan ook- is al evenmin aanvaardbaar. Al deze voorstellen zijn in strijd met de eentaligheid van het Vlaamse en het Waalse Gewest.

Van staten en deelstaten zou men toch mogen verwachten dat zij mekaars grondgebied en bevoegdheden respecteren. Dit is een gouden regel in het internationale recht en in het Europees recht. Teveel Franstalige politici weigeren dat echter. Maar door deze houding ondergraven zij bij de Vlamingen alle geloofwaardigheid en vertrouwen. Hun houding wordt steeds meer beschouwd als zeer vijandig. De strijd om het behoud van het arrondissement B-H-V lijkt een bewuste strategie van Franstalige politici uit Brussel en Wallonië om politieke machtsposities in Vlaams -Brabant te bouwen. Om van daaruit de integratie van Franstalige inwijkelingen af te wijzen en tegen te werken. En om zo de sociale verdringing van de Vlaamse bevolking te bevorderen en een feitelijke toestand van verfransing te scheppen. Die kan dan worden misbruikt als argument voor de aanhechting van Vlaamse gemeenten bij het Brusselse Gewest.

Blijkbaar leeft bij vele Franstaligen nog steeds het oude idee van het door de Franstalige elites overheerste België. Met streng eentalig Frans gehouden Waalse gebieden (geen verplichting in het onderwijs om Nederlands te leren, ...), een hoofdstedelijk gebied Brussel als ‘meest noordelijk gelegen Franstalige hoofdstad’, en een de facto tweetalig Vlaams gebied dat de andere gewesten financieel zwaar moet bijstaan en waarin de Franstalige ‘super–burger’ in zijn taal gediend wordt en zich sociaal en cultureel niet hoeft te integreren.

Die mentaliteit is dodelijk voor het voortbestaan van de Belgische staat. Doe dus wat democratisch noodzakelijk is: schrap het ongrondwettelijk arrondissement B-H-V uit de kieswet en splits ook het gerechtelijk arrondissement.

Wij menen voorts dat de Vlamingen voor dit stukje gelijkheid zeker geen prijs mogen betalen. Iedereen die de splitsing van BHV zou koppelen aan andere dossiers, of die daarvoor een tegenprestatie zou verlangen, verdedigt discriminaties en plaatst zich dus buiten de democratische orde.

2. Wij eisen een staatshervorming met maximale autonomie voor de Vlaamse Gemeenschap

In 1970 zagen de politici in dat de unitaire, verfransende Belgische staat afgedaan had, en dat een nieuwe staatsstructuur met gemeenschappen en autonome deelstaten nodig was. In 1970, 1982, 1989 en 1992 en met het St-Michielsakkoord werden daartoe belangrijke stappen gezet.

Daarna weigerden de Franstalige politici echter iedere verdere medewerking aan de staatshervorming én aan de loyale toepassing van de gemaakte afspraken. Zij hadden de beoogde bevoegdheden en middelen binnengehaald, waaronder een jaarlijkse transfer van 6 tot 11 miljard euro (naargelang de berekeningswijze). Dat leverde echter een extreem complexe en gebrekkige staatsstructuur op, met vele leemten, onduidelijkheden en tegenstrijdigheden in de bevoegdheidsverdeling. Dat veroorzaakt vele slepende betwistingen, en massaal verlies aan tijd en geld. Dat leidt tot hoge ondoelmatigheid en inefficiëntie in de werking. Heel het land lijdt daaronder.

Wij willen dat hieraan een einde komt. Maar niet meer op de wijze van vroeger. Wij willen een duidelijke en overzichtelijke staatstructuur, met maximale, goed afgebakende en exclusieve bevoegdheden voor de deelstaten (geen gedeelde en concurrente bevoegdheden meer) en een beperkte federale overheid. De deelstaten moeten daarin grote fiscale en financiële bevoegdheid en verantwoordelijkheid krijgen.

De eisen van het Vlaams Parlement in 1999, bevestigd en geconcretiseerd door de Vlaamse regering in 2004 en 2005 zijn daarbij voor ons een ‘minimum minimorum’.

Maar laat er geen misverstand over bestaan, het OVV eist maximale autonomie voor Vlaanderen, hetzij in een confederatie, hetzij als onafhankelijke staat in Europa. Het zal dus mede van de houding van de Franstalige politici afhangen welke van de twee mogelijkheden het wordt. Maar na 177 jaren willen wij niet langer wachten. De staatshervorming moet er snel komen. Het OVV zal daartoe blijven ijveren en voorlichten. Zie ook www.woordhouden.be en www.paroledonnee.net.

Voor het OVV

De voorzitter Renaat Roels

Terug naar overzicht