In de kijker

Kalender

Grondvest

Persbericht Vlaamse Volksbeweging, 10 juli 2017
10-7-2017
Cijfers taal moeder-kind 2016: Ontnederlandsing Vlaamse Rand blijft aanhouden

De Vlaamse Volksbeweging analyseerde naar jaarlijkse gewoonte de nieuwe geboortecijfers van Kind en Gezin inzake de gemeenten van Halle-Vilvoorde en Tervuren. Zoals bekend geven deze cijfers (onder meer) het taalgebruik weer tussen moeder en kind. De nieuwe cijfers bevestigen de duidelijke trend van de voorbije jaren: het aandeel Nederlandstalige moeders blijft in de meeste gemeenten van Halle-Vilvoorde verder dalen. Opnieuw zijn er meer Franstalige dan Nederlandstalige geboorten in zeven belangrijke gemeenten van de Vlaamse Rand (buiten de faciliteitengemeenten).

 

Voor het eerst hebben we ook de link gemaakt met de bevolkingsstatistieken van Economische Zaken, die onlangs alle demografische gegevens voor het voorbije jaar (‘loop van de bevolking 2016’) publiceerden, zodat we per gemeente niet alleen het percentage, maar ook het precieze aantal Nederlandstalige, Franstalige en anderstalige geboorten kunnen weergeven. 

 

In vier van de zes faciliteitengemeenten (Kraainem, Sint-Genesius-Rode, Linkebeek en Drogenbos) stellen we aan Nederlandstalige kant een stagnatie vast op het uiterst lage cijfer van de voorbije jaren. In Drogenbos hebben we warempel opnieuw één Nederlandstalige geboorte (op 74). In Wemmel is er een vooruitgang van 11 naar 15 procent, maar in Wezembeek-Oppem zakken de Nederlandstalige geboorten naar een schamele 4 procent (nog 6 op 131). In diezelfde gemeente stijgt het aandeel Franstalige geboorten van 57 naar 67 procent. Ook in Kraainem, Linkebeek en Sint-Genesius-Rode is er aan Franstalige kant een stijging. Enkel in Wemmel noteren we een daling (van 63 naar 56 procent). 

 

In de rest van Halle-Vilvoorde blijft de situatie zeer alarmerend in de gemeenten Beersel, Sint-Pieters-Leeuw, Vilvoorde, Machelen, Zaventem, Overijse en Hoeilaart, waar opnieuw meer Franstalige kinderen geboren worden dan Nederlandstalige. 

 

In Beersel, Sint-Pieters-Leeuw, Overijse en Hoeilaart is nog maar een derde van de geboorten Nederlandstalig. In Zaventem zitten we al acht jaar onder de 30 procent. In Vilvoorde wordt, net als in Machelen, nog slechts door een kwart van de jonge moeders (afgerond 27 procent) Nederlands gesproken, versus 33 en 37 procent Frans. Daarnaast zorgen de allochtone moeders er met resp. 40 en 36 procent van de geboorten voor zeer opmerkelijke cijfers. 

 

Ook in Dilbeek (40,5N versus 40F), Grimbergen (38N versus 36F) en Tervuren(34N versus 31F) gaat de situatie in de verkeerde richting. Alleen in Asse (41N versus 34F) is het verschil N/F opnieuw iets groter geworden. 

 

Voor heel Halle-Vilvoorde was de daling aan Nederlandstalige kant in 2016 (-0,3 procent) minder fors dan de vorige jaren, maar dit neemt niet weg dat de situatie in de meeste gemeenten van de ‘Vlaamse Rand’ blijft verslechteren. 

 

Wanneer we de vergelijking maken met 2010 daalde het aandeel Nederlandstalige geboorten gemiddeld met 1,3 procent per jaar (van 54,8 naar 46,8) en steeg het aandeel Franstalige geboorten met 0,9 procent per jaar (van 27,1 naar 32,3 procent).  Van een stagnering van de verfransing is dus geen sprake. 

De cijfers bewijzen andermaal dat er veel te weinig inspanningen geleverd worden om Nederlandstalige gezinnen aan te moedigen om te blijven wonen in de Vlaamse rand. Het beleid op dit vlak (onder meer de initiatieven van Vlabinvest) zijn nog altijd veel te beperkt, om niet te zeggen een druppel op een hete plaat. 

 

Vlabinvest zou veel meer initiatieven moeten nemen in de zes faciliteitengemeenten. Tegelijk moet de Vlaamse regering de andere gemeenten van de Vlaamse Rand aanmoedigen om een actief woonbeleid te voeren en veel intenser met Vlabinvest samen te werken. Daarbij moet de focus meer liggen op eengezinswoningen in plaats van appartementen, zodat een blijvende aanwezigheid van deze jonge gezinnen verzekerd wordt. 

 

Morgen zullen de gestelde lichamen van Vlaanderen opnieuw zelfgenoegzaam klinken op hun vele successen. Toch hebben zij reden tot grote bezorgdheid over de situatie in het Vlaamse kerngebied. Minister Weyts mag dan wel een heel actieve minister zijn inzake Dierenwelzijn en Mobiliteit, inzake de Vlaamse Rand hebben we hem nog niet veel uit zijn pijp weten te komen. Op dit beleidsdomein moet hij niet een tandje, maar wel een heel tandrad bijzetten. 

 

 

 

Bart Laeremans                                              Bart De Valck

Lid kenniscentrum VVB                               Voorzitter VVB

0476 46 98 85                                                0499 21 24 48

Terug naar overzicht