Waar is het linkse post-België-project?
Jan Van de Casteele 20-11-2007
|
Waar is het linkse post-België-project? Mijn hart slaat links, maar ik krijg hoe langer hoe vaker hartritmestoornissen. Dat is een opvallende stem in het communautaire debat. Links dan toch stilaan op zoek naar een nieuwe "identiteit".
Luc Van Doorslaer is doctor in de Letteren. Hij werkt als academicus en zelfstandig tv-journalist.
Op een congres in Birmingham kreeg hij herhaaldelijk de vraag om toelichting over dat 'complexe België'. Hij schrok van de reacties van het publiek. 'Vrijwel niemand hechtte veel belang aan de grote economische verschillen, centraal stond het culturele verschil: "Als jullie niet naar elkaars tv kijken, niet elkaars kranten lezen en een heel anders georiënteerd cultuurpatroon hebben, waarom leven jullie dan in één land?" Ik schrok, omdat dat kritische, overwegend linkse en academische mediapubliek tot een conclusie kwam die zo uit de mond van Bart De Wever kon komen.'
'Waarom verbaasde mij dat? Bij ons hoor je als linksdenkende De Morgen en Humo te lezen, achteloos over vragen van identiteit en nationalisme heen te stappen en schamper te doen over Bart De Wever. Ik heb al twintig jaar groen gestemd, mijn hart slaat links, maar ik krijg hoe langer hoe vaker hartritmestoornissen. Heel af en toe mag Geert Lambert proberen te zeggen dat nationalisme in internationaal perspectief een progressieve beweging is, Ludo Abicht en Jef Turf mogen wijzen op de sociale dimensie van de Vlaamse beweging. Schaamlapgewijs. Maar hun stemmen worden al snel gesmoord in ons politiek correcte, oorverdovende stilzwijgen. Ik maak hierboven met opzet een karikatuur van wat mainstream links zijn in Vlaanderen is, precies omdat wij onszelf, vaak uit een soort gemakzucht, tevreden stellen met karikaturen', aldus Van Doorslaer.
Hij stoort zich aan het linkse conformistisme, en de onkritische houding tegenover soortgenoten als Tom Barman of Luc Tuymans (ideeënarm, belgitudeplatitudes, schabouwelijk Nederlands)
Voorts heeft hij het over de 'non'-houding van links in de communautaire zaak. 'Ik huiver van Vlaamsche stoerdoenerij en vlaggengezwaai en voel nauwelijks Vlaamse trots in mij, maar moet ik daarom onder de mat vegen dat België een niet-functionerend en terminaal model is? Partijen zijn gesplitst, journalistenbonden splitsen, zelfs de Rotaryclub wil splitsen. Gewoon omdat het samen niet werkt. Dat is geen ideologische positie, dat is heel vaak een realiteit. Dat taal en cultuur verbinden, is geen nationalistische vaststelling uit de 19de eeuw, het is internationaal een vanzelfsprekendheid voor een modern en jong publiek dat zich met identiteitsstudies inlaat. Onze linkse angst voor Vlaanderen en ons onvermogen om daar offensief en vernieuwend in te denken, maken ons de facto Belgicistisch en extreem behoudsgezind. En zo worden we objectieve bondgenoten van conservatieve krachten als een monarchie en adellijk-racistische burgemeesters.
Nog enkele citaten:
Over BHV:
'Terwijl ik van links verwacht dat het de problemen bij naam noemt en sociale onrechtvaardigheid aanklaagt. De B-H-V-gevoeligheid heeft voornamelijk één sociaal-culturele grond: het culturele superioriteitsgevoel van een aanzienlijk deel van de Franstaligen.'... Het lijkt me gefundenes Fressen voor links om culturele superioriteit aan te klagen, maar onze vermeende politieke correctheid muilkorft ons. Zelfs buitenlandse Brussel-correspondenten merken het op, zoals onlangs in The Economist: "Some French-speaking Belgians simply dislike Dutch." Maar nee, wij linkse internationalisten zullen elk communautair thema doodrelativeren en proberen eromheen te praten.
Over Groen!
'De ecologische problematiek is de belangrijkste die er is, maar Groen! verschrompelt zichzelf door een utopistische ontkenning van lokale identiteitsproblemen. Het sterkste argument dat we aanhalen is: ik heb Franstalige kennissen met wie ik het goed kan vinden. Prima, maar die heb ik ook in een hoop andere anderstalige landen. En die hoeven niet te verdwijnen, integendeel. We hebben een heel vruchtbare uitwisseling en samenwerking met Duitsland op theatergebied, moeten we daarom met de Duitsers in één staat leven? Ik heb geen enkel probleem op het individuele niveau, maar waarom zouden we in België institutioneel en staatkundig gedwongen moeten zijn tot elkaar? Waarom primeert voor ons de Belgische raison d'état op een authentieke linkse verontwaardiging over culturele superioriteit? Toch niet omdat sommigen onder ons zich cultureel superieur voelen tegenover de rechtse Jan met de pet?'
Over taal:
'België zou een prachtig project geweest zijn als het ooit had geleid tot culturele en linguïstische gelijkwaardigheid in de geesten. Maar die illusie kunnen we definitief opbergen. De Nederlandstalige meerderheid maakt in haar onderwijssysteem het Frans verplicht als eerste vreemde taal. De Franstalige minderheid doet dat niet met het Nederlands in haar onderwijssysteem. Waar ik alle begrip voor opbreng, maar als anti-Belgisch symbool kan het wel tellen.
Over separatisme 1830:
'Overigens, kan iemand mij vertellen waarom de grootste separatisten van 1830 de grootste antiseparatisten van vandaag zijn? Is er een ander antwoord denkbaar dan: les intérêts francophones?'
Onze dwang tot politiek correct denken zoekt altijd naar onbestaande evenwichten. In de formatiegesprekken pleit één taalgroep voor meer bevoegdheden voor de beide gemeenschappen, op basis van gelijkwaardigheid. De andere taalgroep pleit voor gebiedsuitbreiding. Wij staan erbij en kijken ernaar. Alsof die twee houdingen van dezelfde orde zijn.
Over Bart De Wever en Bartje-bashing
Bart De Wever in dit debat argumentatief superieur. Waarom zouden we dat uit intellectuele eerlijkheid niet erkennen in plaats van ons telkens te willen conformeren aan onze igroup?
Waarom formuleren we geen positief links-communautair project, zodat we volwaardig, vooruitkijkend en vooruitstrevend kunnen deelnemen aan het onvermijdelijke debat over post-België?', zo besluit Van Doorslaer met een oproep aan links Vlaanderen, die hij ook op De Zevende Dag herhaalde.
Terug naar de artikelenlijst.

