Sanctorum versus Slangen en neo-belgicisten
Jan Van de Casteele 14-09-2007
|
Doorbraak-medewerker Johan Sanctorum is een bezige bij op zijn website. Vandaag 14 september publiceert De Morgen een uitgebreid artikel (platformtekst) onder de titel "De zaak Slangen vs. Sanctorum" (zie bijlage)
Waarover gaat het?
In mei 2006 publiceerde cultuurfilosoof en freelancejournalist Johan Sanctorum in verschillende bladen een kritisch artikel waarin de machtspositie van spindoctor Noël Slangen aan de kaak werd gesteld. Slangen is nog altijd partijstrateeg van Open VLD. Sanctorum werkte ooit bij Slangen.
Slangen heeft Sanctorum omwille van zijn kritische beschouwingen voor de rechter gedaagd en eist een schadeclaim (drie jaarlonen) én wil een publicatieverbod afdwingen omtrent teksten over zijn persoon. Een groep publicisten vindt dat een verontrustende evolutie en stelt dat de reactie van Slangen bewijst dat er wel degelijk iets loos is: in de coulissen van de democratie functioneren parallelle krachten die zich boven elke verdenking trachten te stellen. ‘Ze willen de pers controleren maar dulden niet dat ze zelf geobserveerd worden. Het juridisch stalken is een nieuwe vorm van censuur'.
Volgens de ondertekenaars (onder meer prof. Ludo Abicht, Pol Deltour van de Vereniging van Journalisten, Jean-Pierre Rondas van Klara, prof. Frank Thevissen, Rik Van Cauwelaert (Knack) en tal van anderen ondertekenden de tekst van Lieven De Cauter als 'lid van het platform voor vrije meningsuiting'.
Een van de gewraakte artikelen is te lezen op www.visionair-belgie.be/Artikels/Communicatie.htm.
Sanctorum publiceerde op www.visionair-belgie.be recent ook een bijdrage rond politieke bewustwording in Vlaanderen, het neo-Belgicisme, enz... (“Hoe Vlaanderen « zwart » werd, - en bleef ; Berichten uit la Flandre profonde)
Lees:
Een paar tekstblokjes hieruit:
'Zo mild men was voor de kromprater en pseudo-intellectueel Verhofstadt, zo bits waren en zijn de commentaren op de niet-salonfähige boerenzoon Leterme. Vreemd genoeg nam onze eigen zogenaamd ‘progressieve’ pers volop deel aan deze moddercampagne. Men moet de commentaren in De Morgen (Geert Buelens), De Standaard (Oscar Van den Bogaard) en Knack (Joël de Ceulaer) er maar eens op nalezen: het leek wel of we na 10 juni terug in het stenen tijdperk waren beland...
Maar is Vlaanderen wel zo ‘rechts’ en ‘conservatief’ als deze verlichte bobo’s het voorhouden? Of ging het op 10 juni nu juist om een algemeen gevoel van ‘genoeg-is-genoeg’, en vormen die commentaren het achterhoedegevecht van een elite die zelf niet meer op de polsslag van de tijd zit? En waarom blijft dat cultureel establishment zo aan de Belgische constructie en de monarchie plakken?...
Het zogezegde rechtse stemgedrag van 10 juni was beslist ook een anti-intellectualistische reflex tegen de ‘progressieve’ bourgeois-bohémiens in Vlaanderen. Ze gedragen zich als parvenus onder een koloniaal regime, en belijden een stuitende vorm van neo-Belgicisme. De 'progressieven' zijn in de Belgische context conservatief en willen vooral het status-quo handhaven...’
België is een blijvende motor van begripsverwarring. Uiteindelijk worden ‘rechts’ en ‘extreem-rechts’ haast geuzentitels en krijgt de zgn. Vlaamse verrechtsing iets van een self-fullfilling prophecy: anti-institutionele tendenzen worden als ‘ondemocratisch’ gebrandmerkt, waardoor ze zich radicaliseren. We werden zwartgemaakt,- en zijn het ook geworden...'
Bijlage

Slangen versus Sanctorum
(32 Kb)
Terug naar de artikelenlijst.

