Nederlandstalig onderwijs in Brussel: somber beeld
Jan Van de Casteele 02-04-2007
|
Over 'de situatie in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel' schreef Han Renard in Knack een interessant artikel ("Niveau derde leerjaar in de zesde klas", Knack 28 maart)
Vooral Coördinerend inspecteur-generaal Peter Michielsen schetste een somber beeld. 'In sommige scholen is weldrda alleen nog het onderwijzend personeel Nederlandstalig'.
Van de snelle en massale instroom van Franstaligen en anderstaligen in de Brusselse Nederlandstalige scholen is bij de brede Vlaamse opinie ongetwijfeld nog niet op de hoogte. Daarover spreken enerveert dan ook de 'Brusselse eufemisten' à la Guy Vanhengel (Open Vld).
Maar tegelijk zegt Vanhengels partijgenoot Sven Gatz dat 'de transformatie van de leerlingenpopulatie' (sic) nu ook voelbaar wordt in het secundair onderwijs. Gatz spreekt over over 'een witte stadsvlucht'.
Anderzijds vangt het Nederlandstalige onderwijs in de hoofdstad al ongeveer eenderde van alle schoolgaande kleuters op (vrijheid van het gezinshoofd).
De cijfers in het artikel van Renard zitten wat weggemoffeld, maar spreken voor zicht: 'In de Nederlanstalige basissscholen is vandaag bij gemiddeld 70 procent van de kinderen het Nederlands niét de thuistaal'. Een tendens die opschuift. 'Nog maar 37% van de leerlingen in het middelbaar onderwijs komt uit homogeen Nederlandstalige gezinnen'.
In de Nederlandstalige gemeentelijke basisschool van Sint-Joost-ten-Node is bijna 100 procent van de leerlingen anderstalig.De meerderhied is van Turkse origine, de school telt 37 verschillende nationaliteiten.
Terug naar de artikelenlijst.

