Meer ambitie met een eigen arbeidsmarkt
Jan Van de Casteele 02-04-2007
|
Marc De Vos (directeur van de zogenaamd onafhankelijke denktank Itinera en docent arbeidsrecht aan de UGent) en Le Soir-hoofdredactrice Bénédicte Vaes verzetten zich in De Standaard tegen een regionalisering van het arbeidsmarktbeleid. Vaes is ronduit tegen. De Vos is genuanceerder? Regionalisering zou volgens Vaes betekenen dat een muur wordt opgetrokken tussen burgers. Die muur hoeft niet meer opgetrokken te worden. Hij staat er al. Dat stelt Vlaams minister Geert Bourgeois in een reactie in DS (29 maart 2007)
1. De Vlaamse en Waalse arbeidsmarkt bestáán al en zijn totaal verschillend. De werkloosheidsgraad bedraagt in Vlaanderen acht procent, in Wallonië achttien procent. In Vlaanderen moet het beleid vooral gericht zijn op de activering van 'ouderen', Wallonië kampt dan weer met een grote jongerenwerkloosheid.
2. Ook het niet-navolgingspercentage (het aandeel werkzoekenden dat in de loop van een jaar werkloos wordt en dat twaalf maanden later nog steeds geen werk heeft, zonder een passende opleiding of begeleiding te volgen) ligt in Vlaanderen opmerkelijk lager.
Tegenargument?
Marc De Vos erkent, maar hij minimaliseert de verschillen. Zo verwijst hij naar de verschillen bínnen de Vlaamse arbeidsmarkt. Dat populaire argument houdt geen steek. Met uitzondering van Italië, zijn de regionale verschillen inzake werkloosheid in geen enkel Oeso-land groter dan in België. De verschillend binnen Vlaanderen zelf zitten op het Europese niveau. Een van de verklaringen is dat er binnen Vlaanderen een grote arbeidsmobiliteit bestaat, terwijl die tussen Vlaanderen en Wallonië bijna onbestaande is. De muur, weet je wel.
Oplossing
De beste manier om die af te breken is niet minder maar meer bevoegdheden voor de deelstaten. Net de afwezigheid van volledige autonomie en, vooral, van enige financiële verantwoordelijkheid houden de muur in stand. Met een eigen RVA hebben de deelstaten echt baat bij de vermindering van het aantal werklozen, aangezien ze dan ook de gevolgen dragen van hun beleid. En net zo'n beleid zou Wallonië op het vlak van werkgelegenheid uit het slop kunnen halen.
Tegenargument armoede?
Vaes vreest daarentegen dat meer regionalisering de minder welgestelden nog wat armer zal maken. Het bewijst dat de Franstalige weigering vooral ingegeven is door financiële motieven en niet uit liefde voor België. Maar dan nog, zou Vaes juist moeten pleiten voor meer bevoegdheden. Want eigen bevoegdheden met financiële verantwoordelijkheid is voor de deelstaten een aansporing om het beter te doen, om zelf de eigen welvaart veilig te stellen.
Marc De Vos heeft tot slot schrik van hogere loonkosten in Vlaanderen. Hij mag gerust zijn, de nuchtere Vlamingen gaan zichzelf niet uit de markt prijzen. Met meer eigen bevoegdheden mogen we zelfs ambitieuzer zijn. Stel: we hebben een echt Vlaams generatiepact, we voeren een modern arbeidsmarktbeleid en financieren kinderbijslagen en gezondheidszorg niet langer met de belasting op arbeid. Wie wordt dan slechter van hoge nettolonen? De prikkel om te werken en de binnenlandse besteding kunnen alleen maar toenemen.
Commentaar: 'De diversiteit van de Belgische arbeidsmarkt stopt immers niet aan de gewestgrenzen. Vlaanderen zelf kent intern ook verschillen in arbeidsmarktrealiteit. De Antwerpse arbeidsmarkt heeft niet de krapte van de West-Vlaamse. De arbeidsmarkt in pakweg Aalst of Oudenaarde heeft andere behoeften dan in de Gentse zeehaven', zegt De Vos. We horen dat tegenargument overal, maar het is demagogie van de platste soort. Natuurlijk is er lokale diversiteit, maar de regionale verschillen vormen een superkloof. Klik op de bijlage bij dit bericht.
De Vos gebruikt nog meer voorspelbare, maar zwakke tegenargumenten
'Regionalisering betekent ook meer complexiteit', aldus De Vos. Hiermee is hij een klankbord voor de angst van de Waalse werkgevers (die schrik hebben van de in Wallonië superieure vakbonden). De Vos wijst op aparte systemen van werkloosheidsvergoeding tussen Vlaanderen en Wallonië. Oei, daar krijgt hij het van in de broek. Alsof een 'apart' systeem ons niet toelaat op alle vlakken goed samen te werken met Nederland of Frankrijk.
Nog zo eentje. De taalgrens mogen we niet tot een arbeidsmarktgrens maken, want 'we hebben juist behoefte aan meer arbeidsmobiliteit tussen de diverse regio's, niet aan herverkaveling die mobiliteit afremt', zegt De Vos. De professor weet toch dat een taalgrens en arbeidsmarktgrens ook bestaan tussen Zuid West-Vlaanderen en Frankrijk? En is dat een probleem voor de Fransen om daar te komen werken? Absoluut niet. De taalgrens met Wallonië blijkt dat nu - in een door transfers gedragen systeem - wél te zijn.
Een al even zwak argument: Regionalisering zou ervoor zorgen dat 'de kostprijs van meer regulering en meer bureaucratie voor werkgevers die in heel het land opereren' zou toenemen, of - help!- onze bedrijven ten gronde richten? Doemdenken dat weinig indruk zal maken op bedrijven die in zo veel gevallen grensoverschrijdend werken (en zich aanpassen, meer zelfs, perfect weten in te spelen op verschillen)
Terug naar de artikelenlijst.

