De Wever eet Vooruit op
Jan Van de Casteele 15-03-2007
|
Woensdag 14 maart organiseerde Kunstencentrum Vooruit in de Theaterzaal een “Les van de Eeuw: Voor God en Vaderland”. Vorige edities van “Toestanden” gingen over de inval in Irak (2003), oorlog & vrede (2005) en democratie (2006). De vierde editie focuste onder de titel “Voor god en vaderland” op fenomenen als volk en natie, religie en fanatisme.
In het avonddebat, geleid door Yves Desmet (De Morgen), hadden de deelnemers het over nationalisme en fundamentalisme. Vooral over nationalisme, zo bleek.
Bart De Wever (N-VA) kroop er tussen Mark Heirman (filosoof, publicist, tekstschrijver van Guy Verhofstadt), Etienne Vermeersch (filosoof, gewezen vicerector UGent), Sami Zemni (professor vakgroep Derde Wereld van de U Gent, directeur van het Centrum voor Islam in Europa) en Tarik Fraihi (filosoof, initiatiefnemer van Kif Kif, docent Europese Hogeschool).
Het debat speelde zich af in de goed gevulde tempel van de socialisten, met een publiek dat enkele keren krampachtig tégen De Wever applaudisseerde, maar naar het einde toe hoorbaar respect kreeg voor diens intellectueel overwicht. De vragenronde had men beter achterwege gelaten. De voorspelbare anti-nationalistische vraagjes, waarin de vraagstellers soms nauwelijks uit hun woorden geraakten, waren voor De Wever telkens open doelkansen, die hij niet liet liggen.
De Wever is een zowat Vlaanderens sterke debater, ad rem, verstaanbaar en zowat de beste advocaat van het nationalistische discours. Vermeersch verrastte met een “matig” kritische en soms verrassend meegaande opstelling (‘Zonder Brussel waren Vlaanderen en Wallonië al lang vreedzaam gesplitst’). Zemni en Fraihi zaten er wat bij voor spek en bonen. Hun tussenkomsten konden het debat niet verleggen naar het tweede luik (fundamentalisme, multiculturalisme). De postmodernistist Fraihi (laten we alles toch samen doen) werd op het einde van ellende dan maar chagrijnig. Yves Desmet liet De Wever regelmatig een punt maken, ook al omdat het de meest boeiende uiteenzettingen opleverde. De Wever dribbelde met gemak de hele tegenpartij.
Twee kantteningen:
1. De rabiate anti-Belanghouding van De Wever mag dan al een gevolg zijn van vervelende aanvaringen met sommige programmapunten en kopmannen van Vlaams Belang, als democratisch nationalist mag hij best vraagtekens blijven plaatsen bij het cordon. De manier waarop een partij, haar kiezers en haar sympathisanten (inclusief de Vlaams-nationalisten - Vermeersch onderschat ze op 5%…) uitgesloten blijven (dat geldt zeker voor de openbare omroep), is een democratisch bestel onwaardig. Tenminste De Wever zou dat nu en dan mogen aanklagen. Dat hoeft absoluut niet betekenen dat hij de politieke en ideologische afstand ten opzichte van VB niet kan beklemtonen. Nu wordt hij bij momenten een middel in een strategie om tegelijk het kartel én VB te schaden. Debatten als dit in de Vooruit, zijn column in de gesloten krant De Morgen en de BV-saus die almaar meer over hem wordt gegoten, het is allemaal net iets te opvallend om toeval te zijn. Zelfs een Tour de Wallonie als speelbal van Marc Reynebeau kan hem – ondanks de bedoeling van de bijna Slimste Mens - niet meer schaden. De Wever scoort, maar of het Vlaams-nationalisme scoort, moet nog worden afgewacht. In het “inclusief” nationalisme van De Wever zou geen uitsluiting mogen passen.
2. Inderdaad. In het “inclusief” nationalisme van De Wever past geen uitsluiting. Wie in Vlaanderen woont, en zich aanpast, is Vlaming. Maar terecht benadrukt De Wever voortdurend – ook tot frustratie van zijn tegenspelers in de Vooruit – het belang van identiteit. Hier zit een tegenstelling. Zelfs Vermeersch zei bij verdrinkingsgevaar van twee kinderen zijn “eigen kind eerst” uit het water te zullen halen. Bij uitbreiding geldt dit voor veel niveaus binnen onze hyperkinetische samenleving. Diversiteit hoort gematigd en redelijk te zijn. Ze is een component van een democratie, niet de dwangbuis waarin die moet worden geperst. Dit gegeven is universeel, en een mooi argument tegen de postmodernisten die ook in hypermigratie geen enkel probleem zien. Een democratisch en positief nationalisme dat hiervoor wél gevoelig is, mag dit argument best nog wat scherper uitspelen in een debat met de progressieve medemens, die dat allemaal wat onderschat.
Terug naar de artikelenlijst.
