Nieuwe cijfers Riziv brengen maar een deel van het verhaal

Jarenlang kostte de gezondheidszorg in Wallonië en Brussel veel meer geld dan die in Vlaanderen. ‘Dat was onrechtvaardig. Dat is na twintig jaar Vlaamse actie gekeerd’. Dat beweert alvast Guy Tegenbos in De Standaard. Groot is de aandacht voor een recent rapport van het Riziv. De gemiddelde Waal kreeg De gemiddelde Waal kreeg in werkelijkheid 40 méér.. Volgens de fictieve uitgaven die het RIZIV berekend heeft op basis van standaardisering zou hij 7,5 minder gekregen hebben. in 2006 afgerond 7,5 minder dan de gemiddelde Vlaming. Maar hoe zit dat aan de inkomstenzijde? Hier betalen de Vlamingen per persoon 493 meer dan de Walen. Voor dit aspect van goed buurmanschap is er in de kranten net iets minder belangstelling.
De werkelijke uitgaven voor gezondheidszorg bedroegen in 2006 1704 euro per verzekerd lid in Vlaanderen, 1744 euro in Wallonië en 1683 euro in Brussel. De ziekteverzekering (Riziv) kreeg de opdracht die regionale verschillen ‘preciezer’ in kaart te brengen en stelde een ‘direct gestandaardiseerde index’ op, die ook rekening houdt met de relatief grote verschillen in de bevolkingssamenstelling van de arrondissementen en regio's. Die index verrekent de leeftijdsopbouw, het aantal mannen en vrouwen, het aandeel zelfstandigen/werknemers en de omvang van doelgroepen als invaliden en gehandicapten. Geeft dergelijke ‘precisie’ een correcter inzicht? Of leidt dat ‘rekening houden met’ tot precies omgekeerd tot een ‘vermisting’ van het beeld? Dat is niet eens de essentie van het verhaal.
Precisie
Volgens Tegenbos zijn de verschillen onder Vlaamse druk ‘minimaal’ geworden en krijgt Vlaanderen nu zelfs iets meer. Anderzijds relativeert hij dat beeld. Het aantal gehandicapten en invaliden in het zuiden des lands is ‘abnormaal hoog’. Waarom? En is die meeruitgave verantwoord? Geen uitleg.
Tegenbos noteert dat Vlaanderen nu 59 procent van de uitgaven krijgt, ‘een zo goed als perfecte weerspiegeling van het bevolkingspercentage’, maar ook dat Vlaanderen nog altijd voor 63 tot 65 procent van de inkomsten zorgt, via belastingen en sociale bijdragen. ‘De transfers - de geldstromen van Vlaanderen naar Wallonië en Brussel - zijn dus niet verdwenen. Bovendien is de gezondheidszorg in het zuiden van het land nog altijd minder efficiënt en kostenbewust.’ De Vlaamse vraag naar een ‘splitsing’ (overheveling budgetten voor de curatieve gezondheidszorg naar de deelstaten) is volgens Tegenbos niet overbodig geworden. Neen. Maar de oude argumenten gelden niet meer of niet meer zo zwaar.
Volgens Tegenbos kan het tij maar keren als de Walen hun aandeel in het gezondheidsbudget zelf kunnen inzetten, samen met hun budgetten voor gezondheidspreventie, voor welzijnsactie, voor de verbetering van de woningen in verpauperde wijken en voor de activering van die bevolkingsgroepen zodat ze uit de armoede weg raken (bevoegdheden die nog veel te weinig zijn geregionaliseerd –red.).
Een mooi pleidooi voor homogene bevoegdheden en een verdere staatshervorming, al zorgt zijn overbelichting van de fictieve uitgaven en licht euforische commentaar voor enige verwarring.
‘Het tij gekeerd’?
‘We mogen ons niet blindstaren op de uitgaven, we moeten eerder kijken naar de financiering’, reageerde N-VA-senator Louis Ide, die overigens ook vragen heeft bij de methodologie van de studie. (DM, 27 okt.)
Ook het Aktiekomitee Vlaamse Sociale Zekerheid (AK-VSZ, nieuwsbrief oktober, www.akvsz.be) wijst erop dat de Vlamingen een veel groter aandeel betalen in de financiering van de gezondheidszorg. Dat elk gewest andere prioriteiten legt, is geen probleem (Vlaanderen voor psychiatrie, verpleegkundigen, implantaten - Wallonië voor farmaceutische specialiteiten, medische beeldvorming, de maximumfactuur - Brussel voor specialisten, tandheelkunde, verpleegdagprijzen in de algemene ziekenhuizen). Gemeenschap, gewesten en zelfs regio’s “binnen” de deelstaten hebben hun specifieke tradities en voorkeuren.
Het Riziv verstrekt hierover voor het eerst regionale cijfers. Bravo. Dat had het Riziv al lang moeten doen, zoals alle grote federale uitkeringsinstellingen (RVA, RKW, e.a.). In het verlengde van de voorgaande jaren liggen de werkelijke Riziv-uitgaven per verzekerde in de drie gewesten dicht bij elkaar. ‘Weinig schokkend nieuws’, aldus Herman Deweerdt van AK-VSZ. Via ‘standaardisering en neutralisering’ ontstaan varianten die het nadeel (? / kostenvoordeel; of uitgavenvoordeel) van Vlaanderen omzetten in een heel licht (uitgaven)voordeel (? / Kostennadeel) (7,51 euro of 0,43%). Ietwat kunstmatig, maar het weze zo. In het normale spraakgebruik vinden we een lagere kost een voordeel. Inzake uitgaven voor geneeskundige verzorging is dit betwistbaar. Armoede leidt tot meer ziekte waarvan de hogere kosten niet kunnen betaald worden en dus (misschien) tot lagere kosten. Rijkdom leidt tot minder ziekte maar meer preventie en makkelijker gebruik van duurdere geneeskunde en dus (misschien) tot hogere kosten.
Factuur
Maar de nieuwe Riziv-studie is maar wat ze is: één kant van het verhaal. Of het nu gaat om individuen, instellingen, gewesten of gemeenschappen, het maakt niet uit: een budget heeft twee kanten: uitgaven, maar ook inkomsten.
Omwille van de veel hogere tewerkstellingsgraad betaalt Vlaanderen (via werkgevers- en werknemersbijdragen) t.o.v. Wallonië en Brussel in de vorm van RSZ en belastingen een veel groter aandeel in die totale gezondheidsfactuur. Ook hierover bestaan cijfers.
Per verzekerde is dit respectievelijk: 1.908 euro in Vlaanderen, 1.415 euro in Wallonië en 1.537 euro in Brussel. ‘Als het op betalen aankomt, betalen de Vlamingen per persoon 493 mééeer dan de Walen; dit is net iets minder dan 35 %’, stelt het AK-VSZ.
In de praktijk komt dit dus neer op het volgende:
1. De Vlamingen betalen via de mutualiteit hun eigen kosten (1.704 per persoon) plus een supplement van 204 om de kosten van de buren te betalen. 2. De Walen betalen via de mutualiteit een deel van hun eigen kosten (1.415 per persoon) en laten de rest van hun factuur door de Vlamingen betalen (328 ) 3. De Brusselaars betalen via de mutualiteit een deel van hun eigen kosten (1.537 ) en laten de rest van hun factuur door de Vlamingen betalen (146 ).
Die cijfers tonen al tientallen jaren de grote geldstroom richting Wallonië. De nieuwe studie van het Riziv verandert niets aan die realiteit.
Reacties
Terug naar de artikelenlijst.
