Ludo de postbode

Ludo de postbode
Ik had hem niet zo oud geschat. Ludo Dierckx was al ruim 79 toen hij onverwacht overleed. Van de doden niets dan goeds, weten we al lang.Dierckx was geen politieke weerhaan. Weliswaar verliet hij Agalev in 1995 om in 2003 weer naar de moederschoot terug te keren. Opportunisme mag men hem niet verwijten. In 1995 kreeg hij geen verkiesbare plaats meer bij de groene partij en het was eerlijke teleurstelling die hem naar de sp.a dreef. Dierckx was toen terecht van oordeel dat hij een betere behandeling bij Agalev verdiende.
In 1981 kwam hij in het parlement, bij de eerste lichting ecologisten. Voor iemand met een goede en vaste job als directeur van de Vereniging van Openbare Verzorgingsinstellingen, was de stap naar het onzekere parlementaire leven voor een kleine partij moedig. Jarenlang speelde de erg burgerlijke ogende Dierckx het boegbeeld van het antiburgerlijke Agalev en toen werd hij bij het grote huisvuil gezet. Keurig is anders.
Ook zijn uitgesproken belgicisme was eerlijk en overtuigd. Wie, zoals uw dienaar, geregeld met hem in contact kwam, ontmoette iemand die gedreven was door het heilige vuur. Voor hem was het een levensopdracht om de teloorgang van het Belgische vaderland, waarin hij rotsvast geloofde, te helpen stuiten en geen inzet was hem daarvoor te groot. In 1998 richtte hij mee B-Plus op, de meest actieve tricolore drukkingsgroep.
Dierckx was onvermoeibaar als het er op aankwam de Vlaamse zelfstandigheid tegen te werken. Hij onderbouwde zijn argumenten graag filosofisch en produceerde teksten aan de lopende band. Maar zoals wel meer het geval is bij mensen die menen dat ze een bijna goddelijke opdracht te vervullen hebben, was enig dogmatisme Dierckx niet vreemd. Hij was een gemakkelijke tegenstander bij tegensprekelijke debatten, die hem duidelijk minder af gingen dan de geschreven polemiek. Zo overtuigd van het eigen gelijk, dat blindheid nooit ver weg was. Drammerig ook, als een getuige van Jehova bijna. Enige vorm van zelfrelativering was ver te zoeken als Dierckx op dreef kwam; op humor konden we hem in zijn publieke optreden nooit betrappen. Dierckx stopte ook nooit met debatteren, ook niet aan de toog wanneer de zaal al lang ontruimd was.
Toch die ene anekdote, die het beeld van de verkrampte belgicist enigszins relativeert. In onze jonge VVB-jaren wilden we met de afdeling Antwerpen een open brief bezorgen aan alle parlementsleden. We zaten schaars in de centen en dus was het versturen van gefrankeerde brieven naar alle kamerleden en senatoren geen optie. Dus togen we naar het parlement met onze stapel brieven en vroegen aan de bode of we Ludo Dierckx konden spreken. Hij bleek in een fractievergadering te zitten, maar verliet die om ons te ontvangen. We vroegen of hij de brieven in de postbakjes van de parlementsleden wilde laten steken, zodat wij de portkosten konden uitsparen. Dierckx vroeg waarom wij hem daarvoor aanspraken. ‘Wij zijn politiek onafhankelijk en wanneer u die brieven bezorgt, kan niemand ons verdenken van enige partijpolitieke band.’ Dat vond hij een aanvaardbaar argument en hij nam de stapel brieven in ontvangst, met de belofte ze te bezorgen. Die ene keer heeft hij zich beschikbaar gesteld om de Vlaamse zaak mee te helpen uitdragen. Dank daarvoor.Reacties
Terug naar de artikelenlijst.
