Zeven vragen aan de kandidaten

Op 7 juni vinden er onder meer verkiezingen voor het Vlaams Parlement plaats. Over de waarde van verkiezingsbeloften maken we ons best weinig illusies, maar dat betekent niet dat enkele cruciale vragen niet nuttig kunnen worden voorgelegd aan de kandidaten. Ik stel voor, beste lezer, dat waar u de kans krijgt, u de volgende zeven vragen stelt. Zij gaan uit van de hoofdtaken van de Vlaamse volksvertegenwoordiger: goede wetten maken, de regering controleren en het algemeen belang van Vlaanderen extern bewaken.
De eerste taak van het parlement is zorgen voor goede wetgeving. Onze parlementen, ook het Vlaamse, schieten daarin schromelijk tekort. Er zijn veel te veel regels, maar er worden er nauwelijks afgeschaft. De volksvertegenwoordigers zorgen er niet voor dat ze goede wetten kunnen maken. En ze houden zich teveel bezig met resoluties allerhande in plaats van met het zelf verbeteren van de wetgeving.
Vandaar mijn drie eisen aan de kandidaten:
1 Welke maatregelen gaat u nemen opdat het parlement zelf voor goede wetgeving kan zorgen en de voorstellen van decreet ook effectief te behandelen in plaats van een quasi-monopolie te laten aan de regering?
2 Bent u bereid tegen elke nieuwe regeling te stemmen die niet minstens evenveel regels afschaft als ze schept?
3 Bent u bereid om tegen alle resoluties te stemmen die anderen oproepen om iets te doen in plaats van het als parlement zelf te doen?
De tweede taak is de democratie versterken, en een van de meest noodzakelijke maatregelen daartoe is de uitbreiding van de directe democratie. Vandaar de vierde vraag:
4 Welke stappen gaat u ondernemen om de directe democratie te versterken, in het bijzonder het bindend volksinitiatief betreffende alle materies die tot de bevoegdheid van de Vlaamse regering of het Vlaams Parlement behoren?
De derde taak is het bewaken van het algemeen belang van Vlaanderen. Dit is in het bijzonder nodig ten aanzien van het federale niveau (bevoegdheidsoverschrijding, belangenaantasting, blokkade van de verdere autonomie voor Vlaanderen) en het Europese niveau. Hier heb ik opnieuw drie vragen:
5 Gaat u elk belangenconflict steunen dat ingeroepen wordt om federale maatregelen te blokkeren die ofwel tot de bevoegdheid van de deelstaten behoren (zo bijvvoorbeeld een belangenconflict tegen de federale begroting) ofwel op een andere wijze de belangen van Vlaanderen aantasten ?
6 Welke maatregelen gaat u nemen om te beletten dat er op Europees niveau voor Vlaanderen nadelige maatregelen worden genomen, en hoe gaat u beletten dat België daarmee instemt of zich daarbij neerlegt ?
7 En tenslotte, last but not least: bent u principieel bereid om een onafhankelijkheidsverklaring door het Vlaams Parlement goed te keuren ? De vraag is niet of we die onafhankelijkheid nu moeten uitroepen, maar of we bereid zijn het wapen van de onafhankelijkheidsverklaring in te zetten in plaats van de Franstaligen een vetorecht toe te kennen op elke staatshervorming.
Reacties
Terug naar de artikelenlijst.
