Wallonië heeft maar één vijand: zichzelf

‘La Wallonie n’a, aujourd’hui, d’autres ennemies qu’elle même.’ (p. 165) De laatste zin van een onlangs verschenen boek over onze Waalse zuiderburen: Le second déclin de la Wallonie” (1), het geschreven huiswerk van Jean-Yves Huwaert, lange tijd journalist bij het Franstalige beursblad l’Echo, vandaag op de redactie van de Franstalige Trends-Tendances. Een volbloed Waal, een journalist voor wie cijfers en economische analyses het dagelijkse huiswerk zijn, een boek waarover zeker in de Vlaamse pers opvallend discreet werd en wordt gezwegen. Tenminste voor zover mij bekend.
Ten onrechte, want zijn verhaal is verplichte lectuur voor al wie minstens wil meepraten over het al dan niet nog langer samenleven van Vlamingen en Walen onder één en hetzelfde Belgische tot op de draad versleten afdakje.
Ten onrechte ook omdat de auteur geen politiek betoog houdt, er zit dus geen enkele al dan niet verdoken bijgedachte achter het boek, tenminste niet voor zover wij dat konden bladzijde na bladzijde in de meest geavanceerde scanner op zoek naar die lichaamsdelen bij de patiënt die misschien toch nog te redden zijn.
Zijn conclusie is zo simpel dat zelfs ondergetekende ze begrijpt: Wallonië heeft maar één vijand, zichzelf. Anders gezegd, onze Waalse buren kunnen alleen op beterschap rekenen als zij zichzelf echt beter willen maken en dus eens en voorgoed afstappen van Charleroise en andere toestanden.
Dat de auteur niet a priori op zoek is naar wat er in zijn Wallonië verkeerd gaat, bewijzen zijn positieve pagina’s over het Marshalplan, ‘le programme le plus sérieux et professionnel juisqu’ici pour extraire la Wallonie de l’ornière’.(blz. 131). Het meest ernstige Waalse herstelplan dat ooit op tafel lag!
Honingpotten
Voor de rest krijgt de lezer alleen maar zo koel mogelijk geschreven met cijfers onderbouwde vaststellingen over de teloorgang van Luik en omgeving, waar niemand de kans krijgt om de stad weer uit het slop te helpen, maar waar iedereen ook alles kan doen om zo dwars mogelijk te liggen. (blz.73), Luik met de onbetaalbare factuur van de vliegende Bierset – grootheidswaanzin.
En dan is er het Franstalige onderwijs, ook al een catastrofe, of de provincie Henegouwen die dankzij het duwen en trekken van onder meer Elio di Rupo al jaren op kosten van Europa vegeteert. Honderdduizenden euro’s Europees geld om onder meer het centrum van Ellezelles nieuw leven in te blazen, om het dennenbomenplein in Pont-à-Celles in een nieuw kleedje te steken tot en met 525.000 euro om in Wasmes-Audemez-Briffoeil een “atelier rural” op te richten.
Dat zijn maar enkele voorbeelden van de georganiseerde Henegouwse strooptochten in de Europese honingpotten. (blz.101 e.v.) ‘Hainaut: le sinistre’, zo titelt hij het hoofdstuk over de provincie waar men vandaag alleen nog hoopt ooit opnieuw het sociaaleconomische niveau van 1994 te halen, toen de Europese centenregen over de provincie nog moest beginnen. (blz. 94)
Merkwaardig is dat dit vlot geschreven boek zo goed als onopgemerkt bleef. Helemaal anders als wat gebeurde met dat andere, ook recente Wallonië boek van de Vlaamse journalist Pascal Verbeken Arm Wallonië (2). Twee volle bladzijden voorpublicatie in De Standaard, idem in De Morgen; over het boek van Huwaert zelfs geen signalement, of een uitgebreide bespreking in de Vlaamse zakenblad Trends dat het boek van de Franstalige collega wel signaleerde. Een toch wel opvallende wanverhouding, zeker sinds men ons wekenlang om de oren sloeg met halve kranten vol berichten over onze Waalse buren ... ‘die we nu toch eens beter moesten willen leren kennen’.
Politiek-correct
In dat politiek correcte plaatje paste Arm Wallonië als gegoten, ook al brengt de reizende auteur een Waals verhaal, waaruit de lezer alleen maar kan concluderen dat er met dat Wallonië de eerstkomende decennia eigenlijk geen zaken meer te doen zijn.
Precies het omgekeerde besluit van wat de auteur met zijn boek beoogde. Hij wilde de lezende Vlaming ervan overtuigen dat hij of zij die arme Walen niet kunnen en niet mogen opgeven, dat het Wallonië van nu niet veel anders is dan het Vlaanderen van het einde van de 19de eeuw zoals beschreven in Door Arm Vlaanderen (3) van die andere journalist August De Winne, het boek dat als patroon diende voor het boek van Verbeken.
In die tijd liet de Waalse helft van dit land Vlaanderen ook niet in de steek, zo denkt Verbeken en dus mag volgens hem, Vlaanderen het Wallonië van vandaag ook niet loslaten. Onze Waalse buren kunnen het toch ook niet helpen dat het Belgische kapitalisme hun Wallonië ooit in de steek liet? Dat is de onderliggende boodschap van het boek van Verbeken. Maar dat is niet onze politieke conclusie uit zijn overigens meer dan boeiend verhaal, wel integendeel.
Verbeken zegt het niet met zoveel woorden, maar beschrijft het met menselijke verhalen. Huwaert zegt het ook niet, maar beschrijft het met goed 160 bladzijden cijfers.
Ze zeggen wel allebei hetzelfde: het Warandemanifest had en heeft nog altijd gelijk als het stelde dat nog langer verder gedwongen samenleven van de twee Belgische landsdelen een hopeloos zinloze inspanning is. Men moet de twee boeken wel samen mogen en willen lezen.
(1) Jean-Yves Huwaert, Le second déclin de la Wallonie, En sortir, 172 blz., ed. Racine, 2007. (2) Pascal Verbeken, Arm Wallonië, Een reis door het beloofde land, 294 blz., Meulenhoff/Manteau, 2007. (3) Aug. De Winne, Door arm Vlaanderen, 154 blz., Kritak, 1982.
Reacties
Terug naar de artikelenlijst.
