Crols en Brussel: de reacties

Jan Van de Casteele 25-08-2009

Voor de lezers van deze rubriek samengevat: alle reacties op het Brussel-standpunt van Frans Crols, gelezen in de Vlaamse kranten van dinsdag 25 augustus 2009 en enkele bedenkingen terzake. Alle artikelen integraal in de bijlage.

In De Standaard zegt Bart De Wever niet te begrijpen waarom dit nu plots aan de orde is.

De Wever

Crols legt zijn ‘best and final offer’ op tafel, terwijl we nog jaren verwijderd zijn van het allereerste gesprek over Vlaamse onafhankelijkheid. Voor de Franstaligen is dit een droomscenario. Wallonië en Brussel kunnen dan samen voortbestaan als La Belgique, en straks is het al vanzelfsprekend dat ze Brussel nemen.'

Grenspalen in de grond slaan, is niet meer van deze tijd. ‘Het gaat er ons niet om een nieuwe natiestaat te stichten. Dat zou nefast zijn voor Brussel zelf. Kijk naar de fiscale capaciteit van Brussel of naar de werkloosheidscijfers’.

'Bij een metropool als Brussel horen uitdagingen, ook een culturele uitdaging. We moeten ‘creatief denken’ en ‘niet komen aandraven met het soort nationalisme waarmee de Europese natiestaten zijn gemaakt.’

‘Wij zien Brussel als een condominium, als een kind van België, waarvoor beide ouders verantwoordelijkheid moeten opnemen. Beide gemeenschappen moeten daar ten volle hun gemeenschapsbevoegdheden kunnen uitoefenen. Zowel Wallonië als Vlaanderen heeft er belang bij de lusten en lasten van Brussel maximaal te verdelen.'

De Wever wijst ook op de verwevenheid van Brussel met Vlaanderen, geografisch en economisch.

Commentaar: Tenzij De Wever fout is geciteerd is dit een merkwaardige uitspraak over ‘een nieuwe natiestaat’. Niet het einddoel, dus? Wat dan wel? Over de ‘verwevenheid’ van Brussel en Vlaanderen, maar ook over het ‘maximaal verdelen’ van ‘lusten en lasten’ van Brussel mag het debat ook wel eens worden gevoerd. De politieke, de economische en maatschappelijke kloof tussen beide regio’s lijkt ons alvast geen mythe...

Vermeersch

De Standaard laat ook Etienne Vermeersch en Marc Reynebeau aan het woord.

Voor Vermeersch – die de IJzerwake een sinistere plechtigheid noemt - is het duidelijk dat onafhankelijkheid inderdaad het verlies van Brussel betekent. Tot daar heeft Crols gelijk. Maar wie gelooft dat Brussel later dan wel weer voor Vlaanderen zou kiezen (iets wat Filip Dewinter ook ooit zei) onderschat het taalnationalisme van de Brusselse Franstaligen. De haat tegen het “Vlaams” is dan wel sterk verminderd, dat Brusselaars onder de voogdij van een Vlaamse staat zouden willen leven, is volgens Vermeersch een sprookje. Integendeel, een onafhankelijk Brussel zou toenadering zoeken tot Wallonië, misschien tot Frankrijk.

Ook Vermeersch wijst op de Brusselse troeven: geografische ligging, statuut als Europese hoofdstad en dus voordelen op het commerciële en algemeen economische vlak.

Een ander tegenargument is de nostalgie. De jongste decennia zorgden taalwetten en de dynamiek van de Vlaamse Brusselaars ervoor dat Vlaanderen in Brussel opnieuw aanwezig is. ‘Ik zie dat niet graag verloren gaan’.

Nog een tegenargument: de totale splitsing van België zou ons op institutioneel, socio-economisch en internationaal vlak voor aanzienlijke problemen stellen, met een aantal gevaarlijke conflicthaarden, een dreigend verlies van de faciliteitengemeenten, uitgelokt in Europa. Aangezien BHV nog niet is gesplitst, is het einde dan niet in zicht.

De taalgrens heeft voor alles wat verband houdt met taal (en de overige Vlaamse bevoegdheden) het karakter van een landsgrens.

Voor de Gravensteengroep moet de mogelijkheid van een onafhankelijk Vlaanderen een stok achter de deur blijven bij onderhandelingen: met de Franstaligen als het kan, zonder hen als het moet. In commentaren werd vaak alleen op dit laatste gewezen. Besluit van Vermeersch: ‘Vlaanderen laat Brussel niet los, tenzij het echt niet anders kan.’

Commentaar: Vermeersch lijkt nogal optimistisch over de positieve kentering in Brussel. De politieke feiten (zie verkiezingen) wijzen op minder positieve ontwikkelingen. Ook Vermeersch hanteert het commercieel-economisch troevenverhaal. Dat moet dan maar dringend eens onderzocht worden. Hetzelfde geldt voor een mogelijke ‘Europese’ interventie. Waar liggen de bevoegdheden, juridisch en politiek, van de EU terzake? Werk voor economen en juristen?...

Reynebeau

In ‘Duidelijk, maar simplistisch’ reageert ook Marc Reynebeau in diezelfde De Standaard, 25 augustus.

Om een wat vreemde reden maakt Reynebeau een overbodig ommetje langs zijn stelling dat ‘een stedelijke mentaliteit vele Vlamingen nu eenmaal vreemd’ is. Hij ziet zelfs een groeiende mentale afstand tussen ‘het landelijke ideaal en de realiteit dat Vlaanderen, met name in de 'Vlaamse ruit' Brussel-Leuven-Antwerpen-Gent, tot één grote randstad is uitgegroeid’.

Brussel is voor de Vlamingen vaak synoniem voor bureaucratie en volksvreemde francofone macht, een 'vreemde', erg multiculturele stad met een kleine Vlaamse minderheid: Vlaamse Brusselaars en niet zelden ‘verfoeilijke Dansaertstraat-snobs’. Een klein kwart miljoen Vlaamse pendelaars beperken zich tot het station-kantoor-traject. Ook politici vinden Brussel een ‘vreemd lichaam’, duur bovendien. Brussele politici genieten weinig vertrouwen.

Reynebeau wijst op de confrontatiestrategie van de Vlaams-radicalen, die steeds ongeduldiger worden (zoals de ‘minzame’ Crols): alles moet wijken voor de splitsing van België (‘dogma van separatisme’). Ook Brussel.

Tegenargument? ‘Brussel is het hart (of toch een van de kamers ervan) van de Vlaamse economie, en bovendien is de stad economisch, sociaal en urbanistisch intens verweven met Vlaanderen. De morfologie van Brusselse agglomeratie bestrijkt tenslotte niet 19, maar 62 overwegend Vlaamse gemeenten.’ Het Crols-voorstel is duidelijk, maar simplistisch.

Commentaar: Kijkt Reynebeau met een overdosis pretentie neer op mensen die niet meteen wild enthousiast zijn over de troeven van de Brusselse biotoop? De intellectueel versus de plattelander en de kleinstedelijke bourgeois?

Laat ons bij de argumenten blijven. Ook Reynebeau raakt niet veel verder dan de ‘verwevenheid’ van Brussel met Vlaanderen. Daar wordt in Vlaams-Brabant - onder de plattelanders - nochtans wel eens anders over gedacht. Men is er niet meteen zwaar onder de indruk ‘de morfologie’ met 62 gemeenten (zijn 'Vlaams Ruit'?)...

Het Nieuwsblad

Het Nieuwsblad (‘Vlaamse Brusselaar begrijpt Vlaanderen niet meer’) beperkt zich vooral tot de feiten die in de maandagkranten stonden. Men vroeg er de mening van enkele Brusselaars. Dat levert fraaie zinnen op: ‘De Vlamingen doen alsof Brussel aan Vlaanderen hangt, maar ze beseffen niet dat het omgekeerd is’. Of wat haastig gelach met het Mechelen-hoofdstad-scenario van Crols. Is die optie zo gek, als ze gekoppeld is aan decentralisatie? De Walen zitten toch ook in Namen? En Crols verwees niet geheel ten onrechte naar dat ook Nederlander (Den Haag) en Zwitserland (Bern). Anderen hebben een geloof in ‘Bruxelles indépendent’. Of pakken uit met simplismen als ‘Vlaanderen en Wallonië hebben elkaar nodig’. Graag een zindelijk debat. 'Onafhankelijkheid en samenwerking' is het streven van organisaties als de VVB. Die samenwerking zou wel eens beter kunnen verlopen binnen dit politieke kader dan binnen de verlamde federatie die België vandaag is.

De Tijd

In ‘Het paar dat samenblijft voor de kinderen’ noemt Bart Haeck in De Tijd het Crols-standpunt ‘vloeken in de Vlaamse kerk’. Iets te kort door de bocht stelt hij dat dit pleidooi niet meteen werd gesmaakt door aanwezigen. Er was op de IJzerwake voor Crols meer applaus dan boe-geroep.

Haeck spreekt over een Catch-22-situatie in de Belgische politiek: er zijn twee problemen en hoe meer je probeert het ene op te lossen, hoe groter je het andere maakt: het uiteenvallen van België in twee publieke opinies (kranten, tv, politieke partijen en stemgedrag...), in twee democratieën enerzijds en het probleem Brussel anderzijds.

‘In die context is het niet zo vreemd dat de roep luid is om Vlaanderen onafhankelijk te besturen’, meent Haeck, maar 'wat dan met Brussel, internationale hoofdstad, goed voor een vijfde van het Belgische bruto binnenlands product en de enige plek waar de twee publieke opinies in België wél nog moeten samenleven. Het resultaat is een kluwen van beschermde minderheden, bevoegdheden en regeringen. Dat kluwen proberen ordenen, kan niet anders dan via samenwerking'.

Haeck stelt dat het vanuit stedenbouwkundig oogpunt verdedigbaar zou zijn ‘dat je Brussel uitbreidt, zodat ook de luchthaven en de ring in het Brussels Gewest vallen, wat het bestuur van de hoofdstad eenvoudiger maakt. Maar ook dat is vloeken in de Vlaams-nationale kerk.’

'Zal België splitsen?'. Het antwoord van Haeck: Vlamingen en Franstaligen zijn als een huwelijk waarin man en vrouw willen scheiden, maar bijeen blijven voor de kinderen. Ze kunnen niet met elkaar overweg, maar geen van de twee wil Brussel kwijt. Wat Frans Crols op de IJzerwake zei, is: 'Je mag de kinderen hebben. Ik ben weg.'

Commentaar: Haeck heeft het over 'de kloof' in dit land. Maar merkwaardig toch dat - in een financieel-economisch blad dan nog - het 'economische' hoofdargument uit het oog wordt verloren. Het opvallende verschil in media en politiek is er, maar nog veel belangrijker voor Vlaanderen is de sociaal-economische kloof. Vlaanderen investeert al jaren in Brussel en het zuiden van het land. Hoe efficiënt is dat gebleken? En hoe lang moet dat nog duren?

Gazet van Antwerpen

Gazet van Antwerpen (‘Vlaanderen zonder Brussel kán niet’, GVA, 25 augustus 2009) deed als enige krant een uitgebreide rondvraag bij de politici. Mooi werk van Dirk Castrel.

We leren er dat Maingain laconiek reageert (‘hun keuze’), en dat Jean-Luc Vanraes (Open Vld, Brussels minister van Financiën en Begroting) Brussel blijkbaar een zegen vindt voor de Vlaamse pendelaars die er ‘mogen’ komen werken. Toch een onderzoekje waard.

Geert Bourgeois vindt de stelling-Crols ‘strategisch totaal verkeerd’ en ‘dom’, want ook voor hem is Brussel ‘onze poort op Europa, op de wereld’. Hij verwijst naar de in het Vlaams regeerakkoord aangekondigde investeringen... Mogen we verwachten dat Bourgeois bij gelegenheid eens iets concreter is over die 'poort op de wereld'

Steven Vanackere (CD&V) heeft het over ‘een formidabele uitschuiver’. Ook Vlaanderen moet aanwezig zijn ‘waar het internationale forum zich bevindt’. Erg ver van Brussel zal Vlaanderen nooit liggen, maar goed, ook iets om te verduidelijken...

Caroline Gennez noemt Crols ‘wereldvreemd’, want zonder Brussel is Vlaanderen ‘een Europese middenmoter’. Ze wil de Brusselse Vlamingen niet in de steek laten. Voor haar is Brussel ook ‘een gigantisch uithangbord.’ Gennez gebruikt naast het economische ook het culturele argument. Misschien moet zij maar eens navraag doen naar de precieze economische indicatoren. Brussel, een sociaal-economisch paradijs? En positiever geformuleerd? Zou Vlaanderen 'zonder Brussel' op cultureel vlak een mal figuur slaan?

Lode Vereeck (LDD) wil Brussel niet opgeven. Zijn partij gaat voor een ‘confederaal model’ met maximale autonomie voor de deelstaten. ‘Zelfs in een onafhankelijk Vlaanderen blijft Brussel onze hoofdstad.’

Mieke Vogels moet vermoeid zijn. Ze zoekt inspiratie in het Opel-verhaal, dat alleen kan gered worden als we 'samenwerken', of zoiets... ‘Pleiten voor een onafhankelijk Vlaanderen' is voor haar 'volksverlakkerij.’ Is dat zo? Dat zullen de Vlamingen uiteindelijk wel uitmaken. Maar sugggereren dat we 'samen' met Brussel Opel kunnen redden? Oei, die dame is aan rust toe.

Walter Baeten (voorzitter IJzerbedevaartcomité) wil Brussel niet loslaten en Peter Peene (Davidsfonds) evenmin, al is het niet slecht dat Crols het debat aanwakkert.

GVA publiceert ook behoorlijk wat brieven over de Crols-stelling en een commentaarsteuk van Dirk Castrel.

Brussel roept ‘altijd en overal emoties op’. Nogal wat Vlamingen leven in een haat-liefdeverhouding met hun hoofdstad. Castrel noemt het Nederlandstalig onderwijs ‘een succesverhaal in Brussel’.

Ook hij weet dat Brussel veel beter en goedkoper kan worden bestuurd. Nu verdringen 19 gemeentelijke baronieën, een parlement en een regering elkaar en vormen ze samen een waterhoofd. Castrel is blijkbaar een van de weinigen die weet dat het Vlaamse regeerakkoord weer meer centen voor Brussel voorziet. ‘Als Brussel de toepassing van de taalwetten aan zijn laars lapt, is daar een probate remedie tegen: geldkraan even dicht. Dat is nog wat anders dan Brussel opgeven’, besluit Castrel.

Commentaar: Dat de Vlaamse regering meer wil investeren in Brussel blijkt inderdaad uit het regeerakkoord (zie rubriek KORT). Een debat over zin en onzin daarvan hebben we in de voorbije, beslissende maanden enigszins gemist. Vlaanderen 'kan' inderdaad een doelgroep van ‘30 procent van de Brusselaars’ bereiken. Maar of die gigantische investering dan het politieke Brussel meteen minder anti-Vlaams zal maken is minder duidelijk. Of die keuze een goede zaak is voor Vlaanderen evenmin.

Vic Anciaux

In Knack neemt Vic Anciaux (Brusselaar en oud-Volksunievoorzitter) het in de ja/neen-rubriek op tegen Crols. Hij heeft het over een historisch argument (Brussel is een stuk van ons, behoort ook tot ons historisch erfgoed), en de verfransing is jong (na 1830). Belangrijker is de culturele betekenis van Brussel voor Vlaanderen. Investeren in Brussel blijft nodig. En dan is er nog 'de economische waarde' van Brussel, meervoudige hoofdstad, ook van EU. Dat brengt welvaart mee (internationale instellingen 95.000 jobs, buitenlandse ondernemingen 235.000 jobs). Als Brussel dat Nederlandstalige en Franstalige cultuur, zeg maar de Germaanse en Romaanse, niet weet te verenigen, wordt afgelost door een andere hoofdstad (Berlijn, Bonn).

Commentaar

Anciaux pleit voor confederalisme (art. 35). Een van de zaken die dan nog federaal moeten gekaderd blijven is Brussel besturen. Anciaux kent het Brussel-dossier, ook de cijfers (jobs). Het is maar de vraag wat er met die tewerkstelling/jobs zou gebeuren als Vlaanderen de Crols-piste zou volgen.

Bijlage


Vlaams regeerakkoord communautair
(58 Kb)






Terug naar de artikelenlijst.