V-partijen versterkt, tripartite haalt nog net de helft
Jan Van de Casteele 08-06-2009
|
De V-partijen – de partijen die kiezen voor een onafhankelijk Vlaanderen of iets in die buurt - hebben samen een forse vooruitgang gerealiseerd. Hun gezamenlijke score steeg van 28,3 in 2004 over 31,1 in 2007 naar 36 procent bij de verkiezingen van 2009. Er zijn dus ongetwijfeld opvallende interne verschuivingen, met VB als verliezer, maar er is even duidelijk een gezamenlijke bonus. Sommigen zullen wel weer vaststellen dat Vlaanderen niet communautair heeft gestemd, maar goed, frustratie is nooit ver weg na een verkiezing.
De stemmen van CD&V daarbij optellen is helaas een nogal kromme oefening, want de sterkte van de autonomisten binnen die partij is niet meetbaar. In de tabel hebben we die oefening pro forma gemaakt, met het nodige voorbehoud. Trekt CD&V ooit de Vlaamse kaart, dan stijgt het V-totaal van 50,3 (2004) over 55,1 (2007) naar 58,9 (2009).
De traditionele partijen zakken ondertussen nog maar wat verder weg. In 2004 waren CD&V (raming 22 procent), Open VLD en sp.a samen nog goed voor 61,5 procent van de stemmen. Vandaag vertegenwoordigen ze nog amper 53,2 procent van de Vlaamse kiezers.
In de komende uren en dagen zal blijken welke coalitie haalbaar is. Zie daarover ander artikel in deze rubriek ACTUEEL (8 juni).
Bijlage

(34 Kb)
Terug naar de artikelenlijst.
