Wat zouden we nu verplicht zijn om verkiezingen af te schaffen?

België te klein of Vlaanderen te groot?

Petre De Roover 04-06-2009

Beweren dat de aanstaande verkiezingen hét topthema vormen aan cafétoog of communiefeesttafel, valt onder de categorie sterke overdrijvingen. Maar naarmate de verkiezingsdag nadert, buigen zich toch meer en meer mensen over de vraag ‘voor wie ga ik stemmen?’

Vele vrienden, collega’s en leerlingen voeren spontaan de stemtest uit, grijpen meer dan gebruikelijk naar de krant en/of gaan op zoek naar samenvattingen van de standpunten. Door de stembusslag zijn velen meer dan anders met politiek bezig. Daarvoor alleen al moeten er geregeld verkiezingen georganiseerd worden. Vooral politici die liever niet teveel op de vingers gekeken worden, vrezen zo’n opstoot van politieke betrokkenheid bij de burger.

Maar we leven in een vreemd land, waar een politicoloog verkiezingen in deze krant zowaar een oorzaak van onbestuurbaarheid noemt. Ook Leterme ontpopt zich tot pleitbezorger van de afschaffing van de gescheiden verkiezingen voor Vlaams en Belgisch parlement, daarmee feestelijk de laarzen poetsend met het eigen partijprogramma. Logisch wellicht dat hij, amper twee jaar na de gedane beloften waar weinig van gerealiseerd werd, de ontmoeting met de kiezer liever nog wat langer had uitgesteld.

Als politici de kiezer vrezen, zegt dat minder over gescheiden verkiezingen dan over die politici. Ze doen denken aan de leerling die pleit voor minder schoolrapporten, met als doorzichtig argument dat hij in stress-situaties minder goed kan studeren.

Andere pleitbezorgers voor de feitelijke afschaffing van de Vlaamse verkiezingen hebben een andere agenda, namelijk het redden van het Ene Vaderland. Gekoppeld aan een unitaire kieskring en, als het even kan, de reanimatie van de Belgische eenheidspartijen, hopen ze zo de drang naar (meer) Vlaamse autonomie te stuiten. Sommigen blijven geloven dat de opsplitsing van dit land kunstmatig opgelegd wordt van bovenaf en dus via regelgeving ook weer de kop kan worden ingedrukt. Ooit werden Vlaamse regeringen herschikt om beter te passen in het federale plaatje, nu lijkt het er op dat over de federale regering wordt beslist op deelstaatniveau. Een gruwel voor rechtgeaarde Belgen.

Net zoals de politici die liever niet teveel met de kiezer worden geconfronteerd, menen de aanhangers van de Heilige Belgische Eenheid dat samenvallende verkiezingen hun belang dienen.

Vreemd is wel dat er ook enkele overtuigende argumenten worden aangehaald voor samenvallende verkiezingen die nergens bestaan en vanuit democratisch oogpunt onbetwistbaar een gruwel zijn.

Want het klopt natuurlijk wel dat kandidaten jobhoppen dat het een lieve lust is; dat federale en deelstaatthema’s vlot door elkaar gehaspeld worden; dat onduidelijke bevoegdheidsverdelingen een puur Vlaams of dito Belgisch debat onmogelijk maken; dat Vlaanderen ambities koestert die in het federale parlement moeten worden gerealiseerd; dat de deelstaatfinanciën worden aangesproken om federale tekorten te dekken.

Als samenvallende verkiezingen absoluut onbestaande zijn in federale landen en bij ons wel beargumenteerd kunnen worden, resten er maar twee verklaringen. Ofwel vergist de rest van de wereld zich ofwel is België geen federale staat.

Als de eerste optie vergezocht is, blijft de vaststelling dat België geen federaal land is en, belangrijker nog, geen federaal land kan zijn. Vanuit Belgisch oogpunt is Vlaanderen te groot als deelstaat, want een echte concurrent. Vanuit Vlaams oogpunt is België te klein als koepel, want zonder enige meerwaarde.

De argumenten voor samenvallende verkiezingen bewijzen dat het federalisme niet de juiste oplossing is voor het Belgische vraagstuk en dat we steeds verder moeten afdrijven van het normale politieke fatsoen om de wanconstructie draaiende te houden. We zouden nu dus zelfs verplicht zijn om verkiezingen te gaan afschaffen. Ofwel passen we de genoemde kunstgrepen toe, die fundamenteel niets oplossen, ofwel openen we onze ogen voor de feiten en maken we ruimte voor echt probleemoplossend denken. Kortom: schaf de Belgische koepel af of de Vlaamse deelstaat, want de politieke ruimte is te klein om beide een zinvolle eigen ruimte te bieden.

Dan krijgen we een duidelijke drieledige indeling in lokale, nationale en inter-nationale instellingen. De eerste zijn de gemeenten (en schaf meteen ook de provincies af), de laatste de Europese. Elk met een eigenheid en aparte opdracht. Het tussenniveau heet dan Vlaanderen of België, ook met een eigenheid en aparte opdracht.

De optie België heeft bestaan en bleek niet te werken. Misschien geen onbelangrijk argument bij het maken van de keuze.

Tot dan kunnen we de verkiezingsafschaffers een eindweegs tegemoet gaan door de Belgische federale verkiezingen te schrappen en de Belgische kamer samen te stellen uit afgevaardigden uit de deelstaatparlementen.

(Tekst gepubliceerd op DS online: www.standaard.be/opinie)


Terug naar de artikelenlijst.