Samenvallende verkiezingen komen bijna nergens voor

Jan Van de Casteele 06-04-2009

Nog altijd pleiten sommige politici en opiniemakers voor samenvallende verkiezingen. Hun argumenten zijn zwak. Geen enkele federale staat, behalve de VS, laat federale en deelstaatverkiezingen samenvallen, leert een rapport van Bart Maddens en Vives. Onder meer Mark Gevaert merkte in Doorbraak al op dat we met vijf verkiezingen in de periode 2001-2010 niet slechter doen dan in de jaren 1970 en 1990, en veel beter dan in de jaren 1980, met zeven verkiezingen.

Elodie Fabre en Bart Maddens maakten hun rapport voor Vives, het Vlaams Instituut voor Economie en Samenleving (KU Leuven). In één van de tien onderzochte federale landen, is samenvallen wel de regel: in de Verenigde Staten van Amerika. Daar vallen in een aantal staten de deelstaat- en gouverneursverkiezingen samen met de presidentsverkiezingen en de verkiezingen voor het Huis van Afgevaardigden en voor de Senaat, voor andere deelstaten vallen ze samen met de mid term-verkiezingen voor Senaat en Huis van Afgevaardigden.

In veel federale landen vallen de verkiezingen voor de deelstaatparlementen ook niet op dezelfde dag, behalve in Frankrijk en België (in het VK vallen alleen die van Schotland en Wales samen). (info: DS, 1 april)

Het klopt dat bij aparte verkiezingsmomenten (top)politici ‘altijd wel ergens met een campagne bezig zijn’, en bijgevolg voorrang (moeten) geven aan kortetermijndoelen. Maar dat is dan hun fout en de kiezer heeft in dergelijke democratie ten volste het recht malle wissels te bestraffen. Daarbij komt nog dat bij samenvallende verkiezingen de eigenheid van de regionale verkiezingen in het gedrang komt.

Nog een probleem is dat samenvallende verkiezingen enkel kunnen als zowel de federale als de regionale parlementen legislatuurparlementen zijn/worden. Dat is nu het geval voor het Vlaamse niveau, niet voor het federale. Als door omstandigheden het huwelijk (in casu de regering) uitzichtloos is, is een gedwongen als meerderheidspartijen zwaar uit de bocht gaan, als zich compleet nieuwe, prangende dossiers aandienen, moet de kiezer kunnen spreken. Dat lijkt ons democratie.

Samengevat:

- om de twee jaar naar de stembus is al veertig jaar een gegeven in dit land. We leven nog... - de meeste democratieën scheiden het federale en het regionale - het ‘hoppen’ van politici kan indien nodig worden bestraft via de stembus - het regionale niveau is in een politiek stelsel omwille van subsidiariteit belangrijker dan bovenliggende niveaus; bij samenvallende verkiezingen wordt de dynamiek naar die situatie afgeblokt. - in uitzonderlijke omstandigheden moet de kiezer kunnen meepraten, zeker als nieuwe coalitievorming niet evident is; in deze moet Vlaanderen in de toekomst nadenken over de koppeling van eigen verkiezingen aan de Europese - dat het Belgische niveau tussen Vlaanderen en Europa verder verdampt, staat in de sterren geschreven. De Vlaamse kiezer die dit proces wil versnellen, weet dat hij alvast één stembusgang kan uitschakelen.

Het rapport Maddens & Fabre: zie bijlage

Bijlage



(239 Kb)






Terug naar de artikelenlijst.