Brussel loslaten of niet: VVB zwengelt debat aan met denkdag en boek

Jan Van de Casteele en Pieter Bauwens 20-11-2008

Vlamingen van diverse strekkingen debatteerden in Brussel (Hogeschool-Universiteit Brussel, campus Stormstraat) over Wat met Brussel? Onder meer Frans Crols (voormalig directeur van Trends) toonde zich voorstander van het loslaten van Brussel. Johan Van den Driessche (bestuurder Voka-Comité Brussel), eveneens voorstander van Vlaamse onafhankelijkheid, en prof. Jan De Gadt (Vlaams Komitee voor Brussel) verzetten zich tegen een toekomst voor Vlaanderen zonder Brussel. Hieronder een poging tot syntese van de denkdag (Jan Van de Casteele) en het boek (Pieter Bauwens). Boek te koop via VVB.

De Vlaamse Volksbeweging organiseerde de druk bijgewoonde Denkdag (200 aanwezigen) samen met het Davidsfonds naar aanleiding van de voorstelling van het boek Wat met Brussel? Uitdagende perspectieven voor de hoofdstad (Davidsfonds/Leuven). Dit boek geeft heel uiteenlopende standpunten in bijdragen van prof. Philippe Van Parijs, Derk Jan Eppink, Paul De Ridder, Marc Platel, Els Witte, Naïma Charkaoui en Veerle Huwé, Jari Demeulemeester, Geert van Istendael en Crols en Van den Driessche.

Davidsfonds-voorzitter Peter Peene en VVB-voorzitter Eric Defoort wezen erop dat de jongste tijd een opiniestrijd heerst tussen de Vlamingen voor wie Brussel geen hinderpaal mag zijn op weg naar Vlaamse onafhankelijkheid en andere Vlaamsgezinden die Brussel niet willen loslaten.

Prof. Jan Degadt schetste de Brusselproblematiek in een brede maatschappelijke context. ‘Brussel geeft kansen aan Vlaanderen, maar heeft Vlaanderen nodig.’ Hij wees op het belang van Brussel voor Vlaanderen (bedrijven, pendelarbeid, Europa ...), uitte scherpe kritiek op wat er fout loopt in het Brusselse beleid, maar kantte zich tegen het scenario Washington DC.

Venster op de wereld

Johan Van den Driessche, samen met Crols actief in de Denkgroep In de Warande, ging vooral door op het economisch en cultureel belang van Brussel (jobs, ook voor de Rand, venster op Europa en de wereld voor Vlaanderen). Brussel is de vierde zakenstad in Europa, de 15de in de wereld, verschaft werk aan veel Vlamingen, ook in de Rand ... ‘De hele wereld zit hier en we moeten dat positief benaderen. Brussel is een ideaal labo om met multiculturaliteit bezig te zijn en om – weg van de kerktorenmentaliteit – onze openheid te cultiveren.’

Van den Driessche zag Brussel als deel van de Vlaamse Ruit. ‘Het zou een stommiteit zijn daar een staatsgrens door te trekken ... Liever meebeslissen in en over Brussel dan die siamese tweeling te scheiden’. De KPMG-man wees erop dat een scheiding van Brussel in geen geval het probleem van de verfransing rond de hoofdstad zou oplossen. Hij zag een toekomstperspectief in een federatie van Brussel en Vlaanderen of een condominium (Brussel bestuurd door een onafhankelijk Vlaanderen én Wallonië). ‘Hoe dan ook zullen onderhandelingen nodig zijn, met geven en nemen. Vlaanderen heeft bevoegdheden en grondwettelijke rechten in Brussel en moet die ten volle uitspelen.

Starten vanuit sterkte

Frans Crols kreeg de meeste toehoorders op zijn hand met zijn radicale Brussel-standpunt: onderhandelen over Brussel, natuurlijk, maar dan vanuit een sterke, onafhankelijke Vlaamse positie. Economische en culturele contacten zullen niet verdwijnen als Vlaanderen onafhankelijk is, integendeel. Brussel mag en zal geen probleem zijn bij de verdeling van de staatsschuld in het scenario waarin Vlaanderen voor onafhankelijkheid kiest. Dit probleem werd ook vlot opgelost bij het uiteenvallen van de Sovjet-Unie en bij het ontstaan van tal van nieuwe staten in Oost-Europa. Iedere nieuwe staat gaat door een “verlatingsfase” met onderhandelingen. Ook dit probleem oplossen is een positief alternatief voor het onoplosbare eeuwige emmeren en zeuren binnen België.

Politiek gaat over macht en Vlaanderen moet maar eens duidelijk kiezen voor die onafhankelijkheid. België draait zo vierkant, dat dit de enige uitweg is (België, basta!). De Brusselaars zullen zelf wel uitkrabbelen waar de troeven voor hun toekomst liggen. Geopolitiek en geo-economisch zal Brussel blijven liggen waar het ligt, naast Vlaanderen. Het zal sowieso compromissen moeten sluiten met Vlaanderen. In Europa belet niets een vrij verkeer van mensen, kapitalen en goederen. Niets belet ook dat Vlaanderen én Wallonië volwaardig lid kunnen worden van de EU.

Crols relativeerde het belang van de hoofdstad – een creatief Vlaanderen kan ook zonder Brussel hoogstaande culturele ambities koesteren – dreef de spot met het Brusselse establishment dat op een clowneske manier Vlaanderen schrik wil aanjagen met allerlei doemscenario’s. Ten tijde van de splitsing van de Leuvense universiteit heeft men gemeend ook op een gelijkaardige, irrationele manier de ondergang van de gesplitste, Vlaamse universiteit van Leuven (‘universiteit van het Hageland’) te moeten voorspellen

Hoofdstad

Op de vraag van prof. Philippe Van Parijs waar dan wel de hoofdstad van Vlaanderen moest liggen, trok Crols de vergelijking met Nederland. Hij zag voor Vlaanderen een mogelijke oplossing in een spreiding van de politieke en administratieve hoofdstedelijke functies over bijvoorbeeld Mechelen, Antwerpen en Gent. 'De nadelen van de (tijdelijke) scheiding wegen niet op tegen de kans om een vrij Vlaanderen tot stand te brengen..

Van den Driessche zag een oplossing in een Vlaams-Brusselse federatie met grote autonomie voor beide componenten of in een condominium waarbij Brussel door een onafhankelijk Vlaanderen én Wallonië samen zou worden bestuurd.

Subnationaliteit

Jan Degadt wees er met enige nadruk op dat er in het debat rekening moet worden gehouden met de vaststelling dat er in een splitsingsscenario met twee deelstaten absoluut geen eensgezindheid is over de keuze van zogenaamde subnationaliteit (keuze voor Vlaanderen of voor Wallonië) die dan aan de Brusselaars zou worden verleend. ‘Binnen Brussel zullen velen, Franstaligen én Vlamingen, niet kunnen en niet willen kiezen. Ze shoppen in het aanbod en kiezen wat interessantst is of zou zijn inzake onderwijs, welzijn, kinderopvang, politieke partijkeuze bij verkiezingen ...’ Degadt hoopt dat vooral het succes van het Nederlandstalig onderwijs de facto de positie van het Nederlands in Brussel zal bevorderen. We moeten volgens hem die keuzemogelijkheid met zelfvertrouwen bekijken’.

Jan Van de Casteele

-----------------------------------------------

Brussel: stof tot discussie

Alle toekomstscenario’s voor Vlaamse onafhankelijkheid moeten een Brusselhoofdstuk bevatten. Tot daar de consensus in Vlaanderen als het over Brussel gaat. Waarna het standpunt zich verdeelt tussen twee uitersten: Vlaanderen moet Brussel loslaten of Vlaanderen laat Brussel niet los. Ook binnen de Vlaamse Volksbeweging woedt het debat.

De resoluties van het VVB-Brusselcongres (4 december 1994) zijn ondertussen verouderd. De hoogste tijd om opnieuw te focussen op Brussel. Dus stapte de VVB naar het Davidsfonds met een voorstel. De vrucht van de samenwerking ligt nu in de boekhandel: Wat met Brussel? Uitdagende perspectieven voor de hoofdstad.

Het is een boek geworden met meningen en feiten over de situatie van Brussel vandaag. “Wat met Brussel” wil niet het grote gelijk bewijzen van de ene of andere stelling over Brussel, maar wil de verschillende ideeën confronteren. Een boek zonder taboes, met een open blik op de realiteit. Alleen met feiten en tegengestelde meningen en gerichte vragen, kan het debat over Brussel worden gestoffeerd. Het boek is het begin van een denkoefening die de VVB wil maken in de voorbereiding van een herdefiniëring van haar Brussel-standpunt.

Het boek opent met een bijdrage van Paul De Ridder. Als specialist in de evolutie van het taalgebruik in Brussel neemt hij de lezer mee in het verhaal van de verfransing van Brussel. Om te constateren dat de echte verfransing er maar kwam na 1830. Marc Platel geeft een kleine geschiedenis van de stad Brussel, met de focus op de institutionele herverkaveling door de staatshervormingen. Prof. Els Witte kiest voor het coöperatief federalisme, meer samenwerking tussen de gewesten en gemeenschappen bij het bestuur van Brussel. Volgens Johan Van den Driessche moet Vlaanderen er alles aan doen om Brussel te beschouwen als motor. Frans Crols stelt dat Vlaanderen kan zonder Brussel, maar omgekeerd Brussel niet zonder Vlaanderen. Derk Jan Eppink pleit voor een Europees statuut als vervanging van het huidige falende model. Prof. Philippe Van Parijs (Pavia-groep) bespreekt vier scenario’s zonder taboes en zonder illusies. Naïma Charkaoui en Veerle Huwé (Minderhedenforum) belichten Brussel als multiculturele stad, met kansen, mogelijkheden en problemen. Jari Demeulemeester (directeur AB) pleit voor meer betrokkenheid van Vlaanderen bij Brussel. Geert van Istendael (ex VRT, publicist) tot slot bekijkt “zijn” stad met de blik van een eigenzinnige insider en houdt een pleidooi voor een menselijker Brussel.

Pieter Bauwens

Wat met Brussel? Uitdagende perspectieven voor de hoofdstad is een uitgave van Davidsfonds/Leuven in samenwerking met de Vlaamse Volksbeweging. 144 p., € 16,95

Te koop via www.vvb.org of het VVB-secretariaat, T 03 366 18 50, F 03 366 60 45

Bijlage



(26 Kb)






Terug naar de artikelenlijst.